Vakantie in het paradijs

Zondag 12 mei 2019

De tijd vliegt als je hard aan het werk bent, maar ook als je heel veel leuke dingen doet. Of zou de tijd bij mij altijd vliegen? We zijn al weer 5 dagen in Musket Cove en het zal moeilijk zijn om weer verder te trekken. Wat is er nou zo leuk hier?

We liggen in een veldje van een stuk of 15 boten, niet veel dus en de baai is heel beschut. Zodra je aan wal gaat, ben je op een luxe resort en mag je gebruik maken van alle faciliteiten. Dat is heerlijk, want anders zouden we dat nooit kunnen betalen.

We besteedden de eerste dag hier aan het herontdekken van de omgeving.

 

Vanaf de boot kon je zien dat ze en nieuw stuk resort aan het bouwen waren verderop en nieuwsgierig als we zijn, wilden we daar kijken. Maar het was helemaal afgeschermd, dus wandelden we verder langs de airstrip die gewoon op een grasveldje tussen 2 resorts ligt en van waterkant tot waterkant gaat.
Goed voor kleine vliegtuigjes en die komen er regelmatig. We liepen een stukje langs het strand en hadden echt een vakantiegevoel

We wilden koffie drinken bij het resort cafe en zagen daar Jaklien en Tony van de Jakker. In november hadden we hier afscheid van ze genomen en nu zagen we ze hier terug.

Wat leuk! En wat hadden we veel bij te praten.

 

Woensdag was het de hele dag bewolkt en daar word je loom van, dus we deden eigenlijk niks.

Ik las een heel papieren boek uit. Want aan de wal hebben ze grote boekenkasten met boeken, die je kan ruilen, dus dan moest ik er eerst een paar uitlezen. Zo gaat dat.

Gelukkig scheen de zon de dag erna weer. We wilden een wandeling naar boven maken achter het resort langs.

   

We kwamen aan de wal en daar troffen we Jaklien en Tony, die het zelfde plan hadden. Dat was gezellig en we hadden mooie uitzichten en zagen een cocoskrab, die zich in volle glorie liet zien.Terug bij het resort dronken we weer koffie in de luxe stoelen

We hadden er energie van gekregen, want ’s middags ging ik weer van alles naaien en Jakob knutselde verder aan zijn satelliet antenne.

Rond 5 uur voeren we naar de bar op het eilandje om een koud biertje te drinken. We raakten aan de praat met gasten van de bruiloft die er een paar dagen tevoren was. We vertelden dat we uit NL kwamen. Iemand anders ving dat op en kwam vragen of hij met zijn vrouw met ons mocht komen praten, want haar oma en moeder waren Nederlands en ze wilden iets met een boot. Nou, dat werd een geanimeerd gesprek.

Het blijkt nu, dat zij een motorboot hebben in Australia, die ze willen verschepen naar de Middellandse Zee en wel in maart volgend jaar. Hoe toevallig is dat. Ze wonen tussen Bundaberg and Southport in, dus als we daar komen, moeten we zeker samen eten. Het gesprek wordt vervolgd.

Met de Jakker hadden we afgesproken om zaterdag naar Namotu eiland te varen en daar te ankeren en te snorkelen. Ze hadden dat uitstapje al vaker gedaan en wilden ons de weg wijzen, wat heel handig was. Het ligt op een mijl of 6 hiervandaan. De wind was tegen, dus op de motor heen. Er stond best veel wind, te veel eigenlijk om van boord te gaan.

Tony wist precies waar je moest ankeren  in het zand op 5-8 meter en wij gaan dat nu onthouden (tussen de 3de en 4de oranje bal).

Bij dat eiland wordt er veel gekitesurft, gesurfd op de branding, gesnorkeld en gedoken. Dus het was er gezellig met bootjes en mensen, dus  van alles om te zien. Jaklien en Tony gingen al snel met hun dinghy snorkelen, maar kwamen terug en gaven aan dat het zicht slecht was en het water onrustig. Dus onze dinghy bleef waar die was en ik ben alleen naar het anker gezwommen om te kijken hoe het er in lag en weer terug. Dat was al spannend genoeg.

Maar wat een heerlijke dag, zo lekker op ons achter terras met een boek en een paradijselijk uitzicht. Rond 3 uur gingen we terug naar Musket Cove. We hadden nu wind uit de goeie hoek en konden heerlijk op de fok door het water glijden (die gladde bodem is echt heel goed)

Terug aan boord hadden we geen zin meer om naar de wal te gaan, dus het vervolg gesprek met de Australiërs moet nog maar even wachten.

Vandaag is het moederdag hier. In Nederland ook geloof ik. Nou moeders, laat je maar eens lekker verwennen!

We zijn in Musket Cove!

Dinsdag 7 mei 2019

Het is er dan toch eindelijk van gekomen. Het Cruising Permit was er maandagmiddag. Na veel druk van het meisje van kantoor op de ambtenarij. Hehe, we konden eindelijk vertrekken. Het is zo gek, dat als het in je hoofd zit dat je klaar bent en weg wilt, dat het dan ook moet gebeuren. 

Het wachten op dat papiertje deden we natuurlijk op een gezellige manier. Zaterdagmiddag gingen we lekker zwemmen bij het Resort naast ons, want het was superwarm weer. Ze hadden waarschijnlijk pas het water ververst, want dat was best heel koud, maar daar werden we lekker fris van. We kochten daar een biertje, maar dat waren echt Amsterdamse prijzen….

Zondagmiddag is er altijd live muziek bij de bar, waar ook een groot grasveld is. We waren eigenlijk nog nooit geweest, omdat we alsmaar aan het werk waren. Maar deze zondag had ik er veel zin in. Jakob wilde nog knutselen met zijn Raspberri Pi en Arduino dingen.

Dus ik ging in mijn eentje met een boek en een portemonnaie naar de band. Ik zocht een lekkere stoel in de schaduw uit, bestelde een glas wijn en verdiepte me in mijn boek met mooie muziek als omlijsting. Wat was dat heerlijk. 

En net toen ik dacht, dat zou Jakob ook wel leuk gevonden hebben, kwam hij er aan en namen we nog een drankje.

Er hing echt zo’n lome zondagmiddag stemming. Heerlijk. Lekkere muziek en gezellig druk met mensen uit de buurt, die graag op zondag iets leuks gaan doen met de familie.

Jakob had aan boord met zijn knutselspullen een licht/donker schakeling voor het ankerlicht gemaakt en was benieuwd of het werkte. Eerst niet, maar de dag erna, na happy hour met Claire en Andrew, deed ie het wel. Hij trots natuurlijk!

 

 

 

De volgende ochtend was de mastinspectie aan de beurt. Jakob bindt dan het bootmansstoeltje vast aan de grootzeilval met een hele stevige knoop en klimt via de steps in de mast omhoog. Ik houdt de grootzeilval, waarmee hij gezekerd is, strak met de lier. Dat gaat altijd goed.

In de mast was alles was in orde en er konden zelfs nog wat mooie plaatjes vanuit de mast gemaakt worden.

       

Maandagmiddag (toen Jakob nog knutselde), ging ik naar Lautoka om nog wat boodschappen te doen. Ik ontdekte dat de goedkoopste supermarkt geen airco heeft, de gemiddelde supermarkt heeft een paar ventilatoren staan en de duurste supermarkt is heerlijk koel. Eigenlijk wel logisch.

Ik kocht overal wat en ging ook nog naar de markt voor groente en fruit. Daarna dronk ik net als de locals een glas limonade bij het busstation en dat kost dan 20 cent….. `en ik werd er niet ziek van! Op terugweg was er een ongeluk gebeurd en dan staat alles vast op zo’n tweebaansweg. Maar niemand maakt zich druk. Tijd is hier een rekbaar begrip.

Terug bij de haven kregen we het goede nieuws dat we konden vertrekken. Super!

We waren vanmorgen vroeg op om de boot in orde te maken (bootje op het voordek, huiken van de zeilen, stroom van de wal los, het dek nog een keer afspuiten, watertank vullen, enz).

We betaalden onze rekeningen, kochten nog wat lekkers in het winkeltje en moesten alleen nog tanken. Altijd spannend hoeveel diesel er dan in gaat. Het viel mee, het was maar 250 liter. We kunnen nu wel weer even voort.

   

En daar gingen we. Alsof we op schoolreisje gingen. Er was eerst te weinig wind om te zeilen, maar na een poosje kon het grootzeil omhoog en de kotterfok erbij. De motor pruttelde zachtjes mee, want die mocht ook weer wennen. Het was heerlijk!       

 

 

 

 

 

Na 3 uur kwamen we aan bij Musket Cove. We waren daar in oktober vorig jaar ook al geweest, maar het is zo’n heerlijk plekje, daar mogen we een paar dagen uitrusten voordat we weer naar nieuwe gebieden gaan..

En.. we konden weer overboord. Lekker zwemmen wanneer we maar willen. En dat deden we natuurlijk meteen. Nu zitten we lekker op het achterdek in de wind. Het is hier toch echt lekkerder dan in een haven, alhoewel we Vuda Marina echt TOP vinden.

Wachten op het “Cruising Permit”

Vrijdag 3 mei 2019

De “Garden of the Sleeping Giant” was fantastisch. We vertrokken om 8.45 met een taxi die we voor de rondrit hadden geregeld. Een half uurtje later, na een prachtige tocht door het mooie landschap kwamen we aan bij de tuin. Er was nog niemand en de planten waren net besproeid. Wat een schoonheid.

We werden eerst door een overdekte galerij geleid waar allerlei prachtige bloemen groeiden en bloeiden.

      

       

Ik hoorde mezelf steeds “Ohh en “Ahh” zeggen. Jakob maakte de ene mooie foto na de andere. Hij heeft daar toch een betere kijk op dan ik.

We kwamen bij een vijver en daarna in een vallei. Wat een prachtige plek voor zo’n tuin. We liepen op ons gemak ruim een uur rond en genoten van de schepping! Wat Prachtig.

          

Tot slot kregen we een heerlijk glas tropisch fruitsap en vertrokken naar de Hindu tempel. Dat is de grootste tempel van Fiji en lijkt ook wel een beetje commercieel. Ik kreeg er niet echt spirituele gevoelens.

                         

Er waren 7 priesteres, die hun gebed prevelden na dat ze een offerande aan de Goden schonken. Wij hadden ook een schaaltje gekocht. Tot onze verbazing kregen we de gezegende bananen en een halve kokosnoot terug om zelf op te eten.

De hoofdtempel had hele mooie plafonds die allemaal een verhaal vertellen. De kleinere kapellen waren er omheen gegroepeerd. Dat zal ook wel een betekenis gehad hebben. De kleuren waren prachtig en wij pasten daar met onze sulu’s helemaal goed bij.

Tot slot deden we heel veel boodschappen en werden we weer bij onze boot afgeleverd. We kunnen weer even vooruit met eten en drinken.

Jakob was benzine gaan kopen voor de motor van de dinghy en natuurlijk moest die even uitgeprobeerd worden. Als vanouds voeren we weg van Jonas, de haven uit en een stukje de zee op naar de quarantaine boei (waar je moet wachten om in te klaren als het nacht is of zo). Wat was dat heerlijk! De wind om te oren, het geklots van de golven en een prachtig uitzicht over zee.

     

Maar ja, om echt te vertrekken heb je een geldig Cruising Permit nodig en dat was er gister nog niet, en vandaag alweer niet. We zijn nu echt wel klaar om weg te gaan, maar het mag nog niet. Nou ja, we hebben de tijd.

Jakob probeerde de nieuwe generator te starten nadat hij er olie en benzine in had gedaan. Het was niet de voorgeschreven olie, maar iets wat er op leek. En daar deed hij het niet op.

Dus olie er weer uitgehaald en een plan gemaakt. Omdat de kans groot is dat ze de goeie olie wel in een autozaak hebben, gingen we met de bus naar Lautoka om te kijken of daar de goeie olie te koop was. Bij de hardware store, waar we als eerste ingingen hadden ze het niet, maar ze wisten wel in welke winkel je het wel kon krijgen.

Hollend haalde een werknemer iemand van die zaak op om ons er naar toe te brengen. Wat een service. De olie moest besteld worden en kunnen we vandaag ophalen. Dat ziet er goed uit. We zijn hier waarschijnlijk toch nog tot na het weekend.

Het waait nogal flink hier, dus misschien helemaal niet zo gek om nog even te wachten met vertrekken.

Jonas drijft weer

Dinsdag 30 april 2019 

Dat ging dus helemaal niet goed met die tweede laag antifouling. Kami zou komen helpen en kwam niet en om half 5 begon het te regenen. We hadden net een en klein deel van het achterschip gedaan. Na een uurtje stopte de regen en heb ik nog een stukje gedaan, maar dat schoot niet echt op. We waren ook best moe. Vrijdagmorgen stond de wekker om half 6, zodat we om 6 uur konden gaan verven. Gelukkig was het droog. Maar het werd een race tegen de klok om om 12 uur alles klaar en droog tehebben. De afsluiters moesten nog gecontroleerd en de motor moest nog vaarklaar gemaakt worden. En daar hadden we eigenlijk geen zin in.

Dus, om 8 uur stond ik op kantoor om te vragen of we zaterdag morgen het water in konden. Dat was gelukkig geen probleem. We konden rustig doorverven en de boot in orde maken. Maar man, wat waren we moe! En van de verflucht waren we alle twee niet lekker. Op ons gemak deden we ’s middags de afsluiters en maakten het dek klaar voor de volgende dag (lijnen en stootwillen). Doodmoe gingen we slapen.

Zaterdag zou het gebeuren. eindelijk weer het water in. De kraan kwam om 8 uur voorrijden en we werden in de singels gehangen. Nog even wat plekjes antifouling bijwerken en op naar het water. Het ging allemaal zo snel en zo soepel. De motor startte meteen (hehe, wat een opluchting), de afsluiters waren niet beschadigd en er kwam geen water binnen op gekke plekken. We konden rechtdoor varen onze nieuwe box in, vlak bij het winkeltje en de bar. Beter kon niet. Dat was vast een compensatie voor het staan in de modder, waarbij ik met blote voeten glibberend de antifouling had aangebracht.

En toen deden we eigenlijk niks meer. Alleen maar stralen dat het toch weer goed was gegaan. Er was veel wind gekomen en tegen de tijd dat we gingen eten, waaide de sla bijna van ons bord, maar dat maakte niks uit. Wij hadden het naar ons zin.

Zondag zouden we naar de kerk in de buurt gaan hier, maar we hadden eigenlijk geen zin en bleven liever nog wat rommelen aan boord. Jakob deed weer wat elektriek en ik deed wat administratie en naaide een hoes voor het reddingsvlot. Bij de zeilmaker had ik canvas gekocht. Maandag zouden de zeilen komen, maar die kwamen niet. We hadden nog genoeg te rommelen (nog een hoes maar nu voor de gasfles), maar nu vandaag de zeilen wel kwamen zijn we weer helemaal blij dat we een zeilboot hebben.

Gister lieten we de dinghy te water om de buitenboord motor te testen. En die deed helemaal niks. Gelukkig was er in het kantoor een jongen van een bedrijf die zei dat hij er wel naar wilde kijken. Leg hem maar op de kant, zei hij, ik haal hem daar wel weg. En inderdaad ’s avonds was de 15 pk verdwenen en we hoopten maar dat hij door de juiste persoon was meegenomen. En net een half uurtje geleden kwamen ze de buitenboord motor weer brengen. Hij was gecorrodeerd vanbinnen. Hmm, misschien toch niet zo goed om hem zomaar een half jaar aan de reling te laten hangen. Maar hij was er weer en de portemonnaie was gelukkig nog niet leeg.

En zo is er toch elke dag weer wat. Morgen gaan we een dagje uit. We gaan naar de Sleeping Giant, een orchideeen  tuin en naar een Hindi tempel in Nandi. Op de terugweg gaan we inkopen doen bij de supermarkt en dan zijn we toch echt klaar om naar een ander plekje te varen.

Pasen en de dagen erna……

Donderdag, 25 april 2019

Pasen in Fiji is inderdaad vooral 4 vrije dagen voor iedereen. Verder hebben we niet veel kunnen zien. Wel was er hier op de haven op Goede Vrijdag een feestprogramma met eieren zoeken, eieren verven en live music. Wij waren te druk om daar aan deel te nemen, maar ik zag later mensen met verf op hun gezicht, dus het was vast erg leuk.

Zondag lieten we ons weer met een taxi naar de kerk in Viseisei brengen. We mochten nu weer op de ereplaatsen zitten. Alleen moest Jakob bij de mannen zitten. Een vrouw van een andere boot, die met ons meegereden was, en ik moesten midden in de kerk zitten, goed in het zicht. De dienst ging wel over Pasen en we zongen “U zij de Glorie” in het Fijiaans, maar er waren verder geen symbolen of zo. Tijdens de preek werd er af een toe een zinnetje in het Engels gezegd, zodat we toch een beetje mee konden leven.

Na veel knikjes en handen schudden na de dienst, verlieten we het kerk terrein om te wachten op de taxi. Na een half uur was die er nog niet, dus gingen we lopen. Ik liet Jakob lekker met die vrouw praten, want het was mijn type niet en ik stapte stevig door, haha! 

Bij de afslag richting haven kwam de taxi en stapten we toch nog maar in. De vrouw van de andere boot had Kava meegenomen voor Lulu, de kraanmachinist, die in een community vlak bij de haven woont. Het was de bedoeling geweest dat ze daar naar de kerk ging. Ze wilde de Kava toch gaan brengen, dus we maakten een ommetje. We zagen daar, dat de vrouw van Lulu ook op de haven werkt.

Misschien wonen er nog wel meer havenmensen daar. Volgende week zondag gaan we dus daar naar de kerk, want dat ziet er erg basic uit en dat is vast leuk.

’s Middags (zoals tot nu toe op elke zondag) begon het flink te regenen, dus hadden wij vrij. Eind van de volgende dag werd het pas droog en ik had erg zin in een wandeling. Jakob was weer met het elektriek bezig en ik liep de weg af tot aan het laatste Resort. Daar schijn je lekker Indiaas te kunnen eten. Toen ik daar aankwam, begreep ik dat, want er waren alleen maar Indiase mensen, die waarschijnlijk ook moslim waren, want ze zaten met hun kleren aan in het zwembad.

En toen was Pasen voorbij. Het was dinsdag en in de agenda stond dat we woensdag uit de pit zouden gaan. Maar Timo kwam langs om te zeggen dat we binnen een half uur aan de beurt ware. Oeps, dat betekent even schakelen. Wat moest er gebeuren? Nou eigenlijk niks. De kraan kwam, hees ons op en zette ons in een modderpoel op de kant. Het had de hele nacht geregend en er viel nog een extra bui. 

We kregen een verassing…. Omdat we in Tonga het onderwaterschip hadden gedaan, zou het nu afspuiten en een laag antifouling worden en klaar. Maar oje, wat zag die bodem er uit. De oude antifouling was gebarsten en liet op allerlei plekken los. Ook zagen we wat osmose plekjes. Wat is dan wijsheid?

Eigenlijk zou de bodem kaalgehaald moeten worden, maar dat zagen we echt niet zitten. Dus besloten we goed te schuren, een complete laag primacon erop te doen en dan 2 lagen antifouling. De portemonnaie kon dus weer open!

Tussen de buien door bezocht ik de zeilmaker om af te spreken wanneer de zeilen gebracht konden worden. Ik kocht tevens blauw canvas om hoezen te naaien voor het reddingsvlot, de gasfles die nu aan dek staat en de generator. En omdat het zo regende kocht ik ook nog doorzichtig plastic om een extra stuk regenbeschutting te maken, want de paraplu’s beginnen het te begeven.

     

Onze hulp Kami was begonnen met schuren, maar het begon weer zo te regenen, dat het niet leuk meer was. De planning van 2 dagen op de kant moest dus worden bijgesteld. Onze Kami was intussen ook uitgeleend aan een andere boot en daarom moesten we zelf aan de slag. Jakob ging met de elektrische schuurmachine aan de gang en Kami, die toch nog een paar uur kwam, met de kleine driehoekige. Dat  mocht echt wel zei hij (ze mogen eigenlijk nietmet elektrische apparaten werken).

Intussen was ik begonnen met het maken van de eerste hoes, voor het reddingsvlot. Dat ging eigenlijk prima en in 3 uur was ik klaar. We zijn toch best heel goed bezig, vinden we.

   

’s Middags brachten we samen de primacon laag aan op de schaduwkant. En het blijkt dat we een goed team zijn. Jakob doet dan de bovenkant en ik de onderkant en dat gaat aardig gelijk op. Om 4 uur kwam Kami en hij mocht de zon kant afmaken….

Intussen waren Andrew en Claire van de Eye Candy aangekomen. Dus om 5 uur gingen we een biertje drinken. Gezellig en wat hadden we een dorst!

Vanmorgen om 7 uur stonden we alweer klaar in de verfkleren en brachten we de eerste laag antifouling aan. De zon kant had nog schaduw, dus werkten we flink door om daar op tijd mee klaar te zijn. Dat lukte bijna. Intussen staat de hele onderkant voor de eerste keer in de verf en kunnen we even uitblazen. Vanmiddag komt de tweede laag. Dus kunnen we morgen toch het water in. Wat zal dat lekker zijn.