Zuid-Afrika – week 3

Zondag 29 januari 2023

De derde week van de rondreis is begonnen en heeft ons in Lesotho gebracht, een zelfstandig koninkrijkje in het zuidoosten van Zuid-Afrika. Het is dinsdagmiddag en op de excursie lijst staat een bezoek aan een waterval. We hebben er al zoveel gezien, dus we laten dat in eerste instantie schieten. Dan volgt er tijdens de lunch wat meer informatie. Volgens onze reisleidster is het een tocht van 40 minuten met een taxibusje en dan nog 30 minuten lopen. We besluiten om toch mee te gaan en dan begint het avontuur.

       De chauffeur die ons met het Toyota busje komt ophalen is een half uur te laat. Nou ja, dat kan in Lesotho met al die ezels op de weg😉. We stappen in, hij rijdt de poort van het resort uit en trapt op het gaspedaal! De weg slingert zich door de bergen en de chauffeur voelt zich Max Verstappen. We gieren van het ene randje langs de afgrond naar de volgende haarspeldbocht. Het wordt steeds stiller in het busje en met angstogen en samengeknepen billen kijken we naar de -op zich- prachtige omgeving. We scheuren drie bergkammen over, missen op een haar na een vrachtwagen en hopen dat we er snel zijn. Na anderhalf uur zit iedereen stijf in zijn stoel en komen we eindelijk bij een hek waar toegang betaald moet worden.

En dan wordt het nog erger. De weg is niet langer verhard en er zijn kuilen die omzeild moeten worden. We komen bij een groot gat waar water in staat. De chauffeur stapt uit en vraagt een herdersjongen of hij weet hoe diep de kuil is. ‘Het moet kunnen’, zegt hij aarzelend en de chauffeur stapt weer in. Voorzichtig manoeuvreert hij door het water waarbij de onderkant van de auto knerpend over stenen schraapt. Dan zitten we vast! De chauffeur zet de versnelling in de achteruit, gaat een stukje terug en geeft dan flink gas vooruit! Het lukt, we zijn door het gat heen. En zo rijden we nog een halfuur met de angst in ons lijf verder. Wat moeten we als de auto het begeeft? Het is intussen vier uur en straks wordt het donker en er is niks anders dan bergen, glooiende groene vlakten en wat schapen.

   

Dan zien we ineens de waterval. Het wandelgedeelte begint. We dalen af over een paadje, waarbij twee mensen onderuitgaan over de rollende steentjes. Maar dan blijkt het allemaal zeer de moeite waard te zijn. De waterval is indrukwekkend. We maken prachtige foto’s en de spanning zakt een beetje uit ons lijf. Er komt een man met een paard naar beneden. Als je de klim naar boven niet ziet zitten mag op het paard weer naar boven. Dat doet niemand, maar een foto maken willen we wel. De man is blij met onze fooien.

De terugrit naar het resort is wat relaxter. We weten nu hoe de weg eruitziet en hoe lang het duurt. Ondanks alle spanning zijn we toch heel enthousiast over het uitje en hadden het niet willen missen.

De volgende dag, vrijdag, verlaten we Lesotho. Wat is het een prachtig land en nog erg oorspronkelijk! De bergbewoners in hun traditionele kleding zijn indrukwekkend! We staan even stil bij het hoge armoedecijfer. Wat zijn wij toch rijk!!

Dan komen we aan bij de grenspost met Zuid-Afrika en rijden verder richting Graaff Reinet. Het was een lange busrit en we zijn blij als we er zijn. De lodge is erg mooi en wij krijgen een heel mooie kamer. Rust hebben we nog niet want voordat we gaan genieten van de ‘braai’ rijden we eerst met een busje naar het Camdeboo National Park om de zon te zien ondergaan. Chantal, de eigenaresse van de lodge vertelt ons onderweg van alles over de dieren en de planten die in het park te vinden zijn.

      

Het is er alweer prachtig. Er zijn zebra’s die kleiner zijn dan in het noorden van het land en veel verschillende soorten antilopen. Ook vertelt ze ons over een rijke man, die veel voor het dorp gedaan heeft. Ze doet dat op een sprankelende manier en het is duidelijk dat ze van haar ‘dorpie’ en de omgeving houdt. We weten nu veel meer over de geschiedenis ervan.

Het regent even als we de berg oprijden en als we boven zijn is het erg mistig en een beetje koud. We komen de zonsondergang bekijken, maar hebben er een hard hoofd in of dat lukt. Chantal lacht stralend en zegt: ‘Wacht maar af, het komt goed.’

   

In een rugzak heeft ze wijn en bier mee omhoog gesjouwd om tijdens het zakken van de zon te drinken. Er zijn nog twee groepen bij het uitkijkpunt en we delen de teleurstelling over het weer. Ondanks de laaghangende bewolking hebben we plezier en genieten van wat we tussen de mist flarden kunnen zien. We maken foto’s van de omgeving en van elkaar. Jakob heeft zijn nieuwe muts uit Lesotho opgezet en gaat ermee op de foto. 

En dan ineens klaart het op. De zon laat zich een beetje zien en zorgt voor een oranje gloed. Wat een indrukwekkend gezicht is dat: zoveel kleuren!  Een beetje uitgelaten komen we bij de lodge, waar de stroom alweer uit is. Ons eten ligt al op de braai en we kunnen bij kaarslicht van het heerlijke vlees genieten. We eten onze eerste kudu biefstuk en die prima smaakt.

Sinds gister hebben we ‘deserteurs’ die ineens allerlei dingen anders willen dan op het programma staat en moeilijk doen over de kosten van de excursies. Ik had Jakob in het begin al verteld over het groepsproces bij zo’n reis: de eerste week kijkt iedereen een beetje rond en daarna begint de groepsvorming. Dan volgt er een romance die ook weer voorbijgaat. Alles verloopt volgens het boekje. En nu na twee weken is er muiterij. Wij trekken ons er weinig van aan en hebben het leuk met Henk en Ineke uit Assen; Leonie en Suzan hebben zich bij ons aangesloten. 

Het is zaterdag geworden en we beginnen met een stadswandeling in Graaff Reinet. Chantal vertelt ons weer allerlei wetenswaardigheden over haar ‘dorpje’. Wat een leuk mens. Je wenst je zulke vrouwen in je vriendengroep. We vertrekken rond een uur of 10 en gaan verder richting Knyskna, wat aan de zuidoostkust ligt. Eerst stoppen we bij de Bloukransbrug, want het is  de dag van de bungyjump geworden. Er zijn twee kandidaten die de hoogste sprong van de wereld van 216 meter gaan doen. Wij hebben van tevoren geen idee of wij daar iets van kunnen zien, maar met wat inzoomen met de camera blijkt dat wel te gaan.

   

Onze jongste medereizigers springen van de brug af in een diepe kloof. Brrrr. Ik moet er niet aan denken! De rest van de groep vermaakt zich met lunchen, souvenirs kijken en het afspeuren van de brug of we ze zien vallen. Dan horen we een fluitje. Robert gaat springen. We maken allemaal foto’s waar nauwelijks iets op te zien is. Maar dat maakt niet uit want we hebben een ontspannen middag. Rond zes uur komen we aan bij het resort in Knysna. Het ziet er netjes uit, maar is een beetje ouderwets.

Ik herinner me Knysna nog goed en had me verheugd op het weerzien van het pleintje waar ik ooit een poosje heb zitten kijken naar wat er allemaal om me heen gebeurde. Maar jammer genoeg blijkt onze lodge een stuk buiten het dorp te liggen. Het is te ver om er naar toe te lopen, jammer.

   We worden met de bus naar het Waterfront van Knysna gebracht om te gaan eten. Leuk, maar zonder enige lokale sfeer. Als we ons eten besteld hebben valt de stroom weer uit. Wat een gedoe. Maar we hebben het gezellig met Henk, Ineke, Suzan en Leonie. En daar gaat het om! Tevreden duiken we op tijd ons bed in.

Voor zondag is er weer van een vol programma. Het begint met een bezoek aan Plettenberg Bay . Dat is de ‘place to be’ voor een zoektocht naar dolfijnen. Die hebben we natuurlijk al heel vaak gezien, maar vooral het boottochtje trekt ons aan. We zien wat kleine bultrug dolfijntjes en een heleboel zeehonden. Het is lekker om weer op het water te zijn. Er is weinig wind met wat golfslag. Een traktor heeft de catamaran vanaf het strand het water ingetrokken en het is de bedoeling om bij terugkeer weer een strand landing te maken. De boot vaart met vol gas op het strand af en vlak voor het zand laat de schipper het gas los. Met een stevige klap landen we op het strand en kunnen met droge voeten uitstappen.

   Terug aan de wal drinken we een snelle koffie en rijden met de bus naar Tsitsikama National Park voor een flinke wandeling. Heerlijk. We mogen weer bewegen. Er is een hangbrug boven de Stormsrivier die een stukje verderop in zee uitmondt. Er blijken heel veel trappen omhoog en omlaag te zijn, en de volgende dag hebben we spierpijn in onze bovenbenen.

  Het is een prachtig wandeling en erg leuk om te doen. Ik denk met plezier terug aan de reis die ik met zoon Michiel ooit maakte. We kampeerden hier in tenten die niet waterdicht waren. Het regende gigantisch zodat we onze bedjes en slaapzakken naar het toiletgebouw verplaatsten om te slapen. En wat hadden we veel plezier!

We blijven nog een nachtje in Kysna, maar gaan weer niet naar het dorp om te eten. Het wordt weer het Waterfront. Het lijkt erop dat we weggehouden worden bij eventueel gevaarlijke plekken. Jammer, want daardoor missen we wel de realiteit van dit land.

De volgende morgen, maandag,  vertrekken we naar Oudshoorn, beroemd om de struisvogels en de Cango grotten. Onderweg bezoeken we een Protea kwekerij en worden verwend met heerlijke chocoladetaart en alweer een prachtig uitzicht.

   Bij de struisvogel boerderij aangekomen horen en zien we de weetjes over de struisvogelteelt en Jakob mag even op de eieren staan, die ruim honderd kilo kunnen dragen. Ze blijven heel, dus dat is een opluchting :-). De struisvogel saté met frietjes kan nu zonder probleem gegeten worden en smaakt heerlijk.

En dan ineens is het al dinsdag en gaan we de ‘Grootcirkeltour’ doen. We hebben geen idee wat dat precies is, maar het is een dure excursie dus het moet wel bijzonder gaan worden. Om 9 uur worden we met twee busjes opgehaald bij de lodge in Oudshoorn en vertrekken richting de Swartbergen, een grote bergketen in de droge Karoo. Onze gids is een hele dikke grote man met een enorme buik. Hij vertelt ons over de Swartbergpas, die is aangelegd door gevangen onder leiding van een Schot. Een prachtig verhaal wat ik ga checken op internet.

     

Het bergmassief is indrukwekkend en we mogen een flink stuk te voet afleggen. Heerlijk om de benen te strekken. De uitzichten zijn adembenemend. De wilde Proteas schieten aan ons voorbij als we er te hard langsrijden. Gelukkig stopt de chauffeur en gaat een stukje terug zodat we mooie foto’s kunnen maken.

We eindigen de dag bij ‘Kobus z’n Gat’. Dat blijkt een Braai- restaurant te zijn, waar heerlijk eten voor ons gemaakt wordt. Na een poosje hoor ik dat onze gids eigenaar van het restaurant is en ineens snap ik waarom de excursie zo duur is….

Na de lunch komt onze eigen Elwin (chauffeur) ons weer ophalen en rijden we via een supermarkt terug naar de lodge in Oudshoorn. Niemand heeft meer zin om die avond warm te eten en we kopen soepjes en salades voor het avondeten. Het is warm geweest, maar bij het zwembad is een plek vol schaduwrijke bomen. We drinken daar met Ineke een glaasje wijn en realiseren ons hoe heerlijk we het hebben.

Ineens gaat de reis heel snel. Het is nog vier dagen tot we weer terugvliegen en er staat nog van alles op het programma. Dat ga ik maar in een volgend blog vertellen, want anders wordt dit blog veel te lang.

Wordt vervolgd.

 

 

 

 

 

 

Zuid-Afrika-week 2

Het is donderdag 12 januari 2023. We worden wakker in het mooie Swaziland en staan om half 6 op om thee/koffie te drinken met een biscuitje. Om 6 uur staan we klaar voor een vogelwandeling. Onze gids komt iets te laat aanlopen maar dat vergeven we hem, want hij blijkt heel erg leuk te zijn.

We wandelen in een rustig tempo over een open pad tussen de groene landerijen met de bergen op de achtergrond. De gids wijst ons op vogeltjes, maar zonder kijker zien we niet veel. Wij genieten van de mooie uitzichten en de vegetatie. Soms zien we wel een vogeltje als de kleur heel opvallend is, zoals bij de .. red bishop??

Dan wijst de gids ons op de poep die op het pad ligt. Er is een verschil tussen ‘shit’ en ‘poop’. Het eerste is van een vleeseter en het tweede van een herbafoor. Hieraan kunnen de rangers zien welke dieren er in de buurt zijn. Onze gids vertelt ook over de drie ‘f’s. Als twee dieren elkaar tegenkomen waarvan de ene sterker is dan de andere, krijg je de stadia van flight, freeze en fight. Hij demonstreert de afstand van de zones door tegenover mij te gaan staan en steeds dichterbij te komen. We staan bijna neus aan neus en ik kijk hem eens diep in zijn donkerbruine ogen. Prachtig!!

De wandeling door het betoverende landschap is de moeite waard! En als we dan tot slot het nest van een krokodil kunnen zien, hebben we weinig meer te wensen.

We krijgen bij de lodge een heerlijk ontbijt en gaan daarna met een klein groepje naar de village die vlak bij ons park ligt. We worden begeleid door een gids die in het dorp woont en een jonge man die het vak gaat leren. De vrouwen met een broek aan moeten zich omkleden want dat is niet geoorloofd in het dorp, de gids komt aan met een omslagdoek waar het hoofd van de koning op prijkt. Ik doe hem eerst per ongeluk onderste boven om, maar dat wordt snel gecorrigeerd.

We zien er mooi uit en wandelen door de mooie velden naar het dorp waar de dorpsoudste, de oma van de gids, al op ons zit te wachten. Ze heeft last van haar voeten en zit met haar benen omhoog. Ik snap dat, want door de warmte en het vele zitten in de bus zijn mijn enkels ook niet meer zo slank.

We krijgen toestemming om overal te kijken. De oudste kleindochter laat zien hoe maïskorrels gemalen worden. De molen die zij gebruikt is zo oud dat het ons verbaast dat hij nog werkt. Daarna nemen we een kijkje in de kookhut.

Daar staat een pan op een houtvuurtje te pruttelen. De hut staat vol rook, is donker en benauwd. Wat een contrast met ons westerse leven.

We lopen verder naar het weeshuis. Daar worden 200 wezen opgevangen in de leeftijd van 4 tot 16. Ik maak een praatje met een jongen van 16 en vraag hem naar zijn droom. Dat was niet zo’n slimme vraag, want hij kreeg bijna tranen in zijn ogen toen hij vertelde dat hij graag wilde studeren en het liefst in Europa. Die kans is heel klein en dan voel je je wel echt machteloos als rijke bezoeker.

De leidster van het weeshuis is een flinke vrouw, die net de lunch heeft opgeschept. Maispap met bruine bonen. Ze schept de borden erg vol en vraagt of ik wil proeven. Ik pak met mijn vingers een klontje rijst met bonen en proef het. De smaak is heerlijk. Intussen zitten de kinderen met hun handen hun bord leeg te eten. Als we weer weggaan steken een aantal van ons de vrouw wat geld toe om te besteden aan de kinderen. Onder de indruk lopen we verder met de gidsen naar de supermarkt. Het is een klein gebouwtje waar achter tralies de winkelier staat die ons geeft wat we vragen. Een flesje fris, dat smaakt wel met de warmte.

We worden met de landrover terug naar onze lodge gebracht. Daar genieten we weer van een heerlijke lunch. De middag hebben we ‘vrij’! Er is een zwembad waar we ons kunnen verfrissen en het water is heerlijk. Lekker een middagje luieren om alle indrukken te verwerken.

Vrijdagmorgen verlaten we Swaziland alweer vroeg. Ik heb veel mooie plaatjes in mijn hoofd van de prachtige natuur daar. Handig om even mee weg te dromen tijdens de reis naar St. lucia, waar we op hippo jacht gaan. Het gaat heel soepel bij de douane op de grens met Zuid-Afrika. Na twee uur rijden stoppen we bij een kaarsen fabriek. Wat moeten we daar, dacht iedereen. Maar het blijkt heel bijzonder te zijn. De kaarsenmaker laat zien hoe hij kaarsen boetseert van de wilde dieren. Prachtig en toch heel anders dan het maken van waskaarsen in Gouda :-). Op een marktje bij de kaarsenfabriek koop ik een olifantje aan een kettinkje. Dat past hier prima.

Na twee uur rijden komen we aan in St Lucia. Het is intussen 5 uur geworden. De geplande tocht door het ‘wetland’ met krokodillen en nijlpaarden gaat niet door; we zijn te laat. We rijden naar ons hotel waar een zwembad is en veel tropische bomen met apen die vanuit de bomen op het dak springen en daar al rennend een hoop kabaal maken.

Deze keer eten we niet als groep ‘s avonds, maar mogen zelf een keuze maken uit een van de vele restaurantjes. Het wordt een visrestaurant, waar we genieten van heerlijke ‘kingklip’. Uit veiligheidsoverweging worden we met de bus naar het hotel teruggebracht. De hippos schijnen ‘s avonds uit het water te komen en door het dorp te wandelen.

In het hotel wacht ons een probleem met de elektriciteit. Regelmatig gaat die een paar uur uit en dan weer aan. Wij zitten in een deel van het hotel waar dat ‘aangaan’ niet automatisch gebeurt. Het wordt daardoor een erg warme nacht, want de ramen kunnen niet open vanwege de apen.

Een frisse douche koelt ons de volgende morgen af en we zijn weer vroeg klaar voor een derde game drive. Nu in het Hluwhluwe iMfolozi park. Ik heb daar hele mooie herinneringen aan en verheug me er extra op. Voor Jakob is alles nieuw. We rijden een uur tot aan de ingang van het park en hopen weer veel wild te zien. Het is intussen heel warm geworden en ook de dieren hebben daar last van. Daarom zoeken ze een plek in de schaduw en dus moeilijker te spotten zijn.

De olifanten zien we wel; die zijn verstandig en gaan lekker met hun poten in de rivier staan. Gelukkig zien we ook weer neushoorns en nemen de tijd om naar hun grazen te kijken. De rangers hebben lunch voor ons meegebracht en dat smaakt prima.

We rijden nog een stukje door het prachtige landschap, maar meer dan impala’s en kudu’s zien we niet meer. Het landschap is in dit park het meest indrukwekkend en daar genieten we van.

Terug in St Lucia staat de uitgestelde boottocht op het programma. Het is heerlijk om op het water te zijn met een verkoelend windje. Er zijn heel veel hippos en dat is leuk om te zien. Maar erg onder de indruk zijn we niet. We genieten ‘s avonds weer van de heerlijke kingklip en in het pikkedonker lopen we terug naar het hotel.

Zaterdagmorgen gaan we eerst pootje baden in de Indische Oceaan. Wat geweldig om de zee weer te zien. Snel lopen we naar het water dat zeker 25 graden warm is. Er staat een mooie branding en als uitgelaten kinderen genieten we hiervan.

Dan vervolgen we onze reis richting de Drakensbergen. Die voert ons langs Durban en Pietermaritzberg. Als we daar langs rijden, denk ik terug aan de mooie tijd die ik in Pietermaritzburg heb doorgebracht. Heel veel jaar geleden logeerde ik met Kerst bij mijn vriendin Toos die toen weer een poosje in PM bij haar zoon woonde. Zulke herinneringen zijn zo kostbaar.

In Howick gaan we naar de Superspar om onze lunch te kopen die we in de bus opeten op weg naar de Nelson Mandela Capture Site.

Daar aangekomen blijkt het een modern museum te zijn op de plek waar Mandela werd aangehouden en vervolgens voor 27 jaar gevangen werd genomen als Staatsvijand nummer 1. Het verhaal is mooi weergegeven en het is indrukwekkend om te lezen hoe alles in die tijd plaatsvond. Zijn portret, gemaakt van houten palen, aan het eind van de Long Way to Freedom, is heel knap gedaan.

Een stukje wijzer geworden rijden we verder naar Bergville in de Drakensbergen, waar ons volgende hotel staat. Het ziet er erg Engels uit en er zijn duidelijk lange tijd geen gasten geweest. Het ruikt er muf en het is zichtbaar verouderd, maar heeft charme en biedt ons een prachtig uitzicht vanuit de kamer. Het personeel is allervriendelijkst en maakt het ons naar de zin. Het eten is weer verrukkelijk! We blijven hier twee nachten en dat geeft een beetje rust. Het is ongelofelijk dat we al zoveel gezien hebben in ruim een week. We hebben vanaf Johannesburg tot hier al 1720 kilometer afgelegd.

Er is een kapel met een wand van glas waardoor je de Drakensbergen heel mooi kan zien. Jakob vindt een fotoboek waaruit blijkt dat dit een trouwlocatie is geweest. Heel begrijpelijk. Het is er zo mooi.

De volgende dag, zondag, gaan we wandelen in de Drakensbergen. We rijden met de bus naar de ingang van het nationale park en de gids rijdt het laatste stukje met ons mee.

Hij laat ons voor vertrek op een maquette zien hoe de Drakensbergen er uit zien en wijst aan waar we gaan wandelen. Hij praat vijf kwartier in een uur en ratelt er op los. Als we gaan vertrekken loopt hij in het zelfde hoge tempo als waarmee hij zijn inleiding deed. Er is geen tijd om een foto te maken of even van een uitzicht te genieten. Als we bij een waterval aankomen, ploft hij op een steen neer en pakt zijn telefoon. We snappen dat we ook even mogen uitrusten. Dan splitst de groep zich. De berggeiten mogen nog een stuk verder omhoog klimmen en wij lopen ons pad weer terug. Nu op een beschaafder tempo. Het is prachtig, maar de gids vinden we niks.

Er volgt een rustige middag. Jakob ligt op het grote bed met zijn telefoon en ik ga op ons terrasje zitten met mijn boek. Heerlijk relaxed met een prachtig uitzicht op de bergen.

Als het tijd is voor het avondeten is de stroom weer uit. Bij kaarslicht scheppen we ons eten op en wachten tot de generator is opgestart. Dit onderbreken van de stroom is killing voor bedrijven. Het personeel doet net of het gewoon is, maar dat is het echt niet. Er schijnen ook al opstanden in het land te zijn.

We gaan met het licht van onze iPhone terug naar ons huisje en hopen dat er weer stroom komt zodat de airco aan kan, want het wordt weer een warme nacht.

Maandag vertrekken we vroeg naar Lesotho, een klein koninkrijkje ingesloten en beschermd door de Drakensbergen, waar de oorspronkelijke Afrikaanse cultuur nog te zien is. We maken een tussenstop in Clarens, een lieflijk kunstenaarsdorp, waar we koffie drinken en even kunnen rondlopen. De groene bergen rondom het dorpje geven het een schilderachtig uiterlijk.

In de middag komen we bij de grens met Lesotho. Te voet passeren we de grenspost bij Maseru en krijgen stempels in ons paspoort. We stappen weer in de bus en rijden door het stadje. Wat een armoe zien we hier. Dat wordt afgewisseld met moderne bedrijfsgebouwen waar industrie gevestigd is. Later horen we dat ouders van kinderen die naar de middelbare school gaan, hier komen werken om het schoolgeld te verdienen.

Een stuk buiten de stad laat het Afrikaanse landschap zich weer zien en we genieten ervan.

Na een uur of twee komen we bij de Trading Post, onze lodge, ligt verscholen achter een smal hek waar de bus net doorheen past. De weg is flink beschadigt door de zware regenval van een paar weken geleden. En dan ligt daar het schilderachtige resort tussen de bomen met uitzicht op de bergen.

Ons huisje heeft een tussendeur met dat van een reisgenoot. Zijn achternaam is Breedveld en er werd verondersteld dat we familie waren. Aan beide kanten van de deur schuiven we de knip er op. Probleem opgelost.

We drinken een glaasje wijn met Henk en Ineke uit Assen en zitten op twee ligbanken met uitzicht op de prachtige bergen. Er komt wat onweer langs, waardoor de wolken een ongelofelijke kleur krijgen.

De volgende morgen maken we een wandeling naar het dorp wat tegen het resort aan ligt. Er komt een hele groep schoolkinderen aan op ezels. Ze komen uit het naburige dorp om hier te ontbijten, want de ‘catering’ was bij hen niet geweest.

We lopen naar de school waar de directrice ons opvangt. Ze heeft haar mooie jurk aan en haar nagels mooi gelakt. Ze vertelt over de school en we gaan naar alle klassen. Jakob schuift in een schoolbankjes en praat wat met het jongetje naast hem. Die vraagt of hij Jakobs arm mag voelen met al dat haar. Al snel komt er een heel stel dat gekke haar aaien. We zijn echt een evenement voor de school.

We zien de bibliotheek met best veel boeken die geschonken zijn door bezoekers. Door zo’n confrontatie met een andere wereld beseffen we extra wat een geluk wij hebben dat we in Europa geboren zijn. Aan de andere kant is het ook goed om je te realiseren dat al ons bezit in het westen geen garantie is voor geluk.

We lopen verder naar een huisje waar twee vrouwen een demonstratie geven van het kaarden en spinnen van de wol waar ze later mutsen van breien. Ik koop een muts voor Jakob om aan boord te dragen. Die zal later deze week nog goed van pas komen.

En dan beleven we ‘s middags weer een echt avontuur. Maar daarover meer in het volgende blog.

Wordt vervolgd!

Zuid-Afrika – week 1

Zaterdag 14 januari 2023, St. Lucia

Na een week reizen is er tijd om ons verhaal weer te delen. Ongelofelijk wat veel je kan zien en doen in een week. Wij zijn altijd redelijk actief en ondernemen van alles, maar bij deze georganiseerde reis is het echt topsport.

Kerstversiering in Johannesburg.

Zaterdagmorgen komen we na de nachtvluchten aan in Johannesburg, stappen in de bus en gaan direct al drie leuke dingen doen. We beginnen met een bezoek aan Soweto, de township buiten Johannesburg. Wat is daar veel veranderd in de laatste 15 jaar. Toen waren er hoofdzakelijk kleine hutjes met een golfplaten dak en zandpaden. Nu is het veel groter geworden met veel stenen huizen en geasfalteerde wegen.

Paint the school party.

We bezoeken het huis van Winnie Mandela en een herdenkingsmonument. Daar worden we aangetrokken door muziek en komen bij een ‘painting the school party’ waar de vaders de school een nieuw kleurtje geven en de moeders voor alle gezinnen gekookt hebben. Het swingt er en Jakob wordt op de foto gevraagd door een lokale man.

Het Winnie Mandela huis.

Het voortrekkers monument moeten we ook gezien hebben. Het staat trots en groot in het landschap en de informatie en afbeeldingen van de voortrekkers zijn de moeite waard.

Voortrekkersmonument.

Rond zes uur zijn we in Pretoria. Ook daar is het veranderd. Het is niet meer veilig om de straat op te gaan tegen de avond. Het park aan de overkant van het hotel is bewoond door zwervers. Het park rondom het indrukwekkende regeringsgebouw is gesloten en ons hotel staat achter een hek.

Maar.. het hotel is heerlijk en het eten uitstekend. We doen een voorstelronde van de groep. Lekker divers in leeftijd en achtergrond. Onze gids is Marianne, een struise zuid-Afrikaanse gids met een grijze paardenstaart en een stralende glimlach. Het is even wennen aan het grappige taaltje, maar na een week gaat dat prima.

Tijd om snel naar bed te gaan want om half zeven vertrekt de bus de volgende dag richting het Kruger park. Een flink eind rijden, maar de de tijd vliegt om. Onderweg bezoeken we een prachtig uitzichtpunt ‘Gods Window’ en Burkes Potholes, een natuurverschijnsel van gaten in de rotsen en mooie kloven, veroorzaakt door het samenstromen van de Treurrivier en de Blijderivier. Het is goed om wat te bewegen want het aantal ‘zit’uren loopt snel op.

Onze lodge.

Als we zondag rond zeven uur aankomen bij onze lodges in het Krugerpark wordt het donker. Echt donker, want de elektriciteit is elke dag van 17 tot 20 uur uitgeschakeld om energie te sparen. De kolen centrales zijn verouderd en leveren niet genoeg energie. Niemand klaagt en in de schemer zoeken we onze lodge op, een tent op een vlonder met een trapje ervoor en een badkamer erachter. We hebben nummer 1, lekker dicht bij het hoofdgebouw. Om acht uur is er weer vollop licht en kunen wegenieten van alweer een heerlijke maaltijd. Buiten is een kampvuur en daar genieten we nog wat na van de mooie dag.

In onze tentlodge is de temperatuur aangenaam en we slapen als rozen, soms kort gewekt door dierengeluiden van een antilope, klein wild en vogels, heerlijk. We hebben geen last van de muggen. Malariapillen hebben we niet meegenomen. We smeren met Deet en dat gaat vast goed.

De volgende ochtend, het is nu maandag, vertrekken we na een kop thee of koffie om zes uur voor de eerste game drive. Zodra we onderweg zijn komen de herinneringen weer boven aan mijn eerdere tochten die intussen al zeker 15 jaar geleden zijn. De geuren van de gewassen en de uitgestrekte groene vlakten vol bomen en bosjes zijn heel prettig.

Al snel dient het eerste wild zich aan. Een hyena steekt het pad over en daarna zien we veel impala’s tot we bij een enorme kudde buffels komen. We raken niet uitgekeken op de kudde en hun bewegingen. Dan komt er een bericht door dat er een luipaard gespot is en we rijden met een flinke snelheid naar de andere kant van het park. Als we daar komen blijkt het luipaard verdwenen te zijn en gaan we op zoek naar leeuwen. De ranger stuurt de jeep dwars door de bush en volgt de sporen van de leeuwen. Het is een spannend uur, maar zonder resultaat.

We keren om voor het ontbijt en zien op het laatst nog een klein olifantengezin. Dat maakt de ochtend drive goed en uitgehongerd vallen we om half negen aan op het ontbijt aan. Het is verwonderlijk dat we binnen een korte tijd van twee dagen in zo’n heel andere wereld terechtgekomen zijn. Het is hier warm, zonnig, erg groen vanweg de regen van afgelopen week en de dagen zijn minstens twee uur langer dan in Nederland.

Jakob geniet met volle teugen. Het is allemaal nieuw voor hem. Hij maakt veel foto’s, houdt dagelijks bij wat we gezien hebben en laat het lekkere eten goed smaken.

Na een welverdiende middagrust in een warmte tent met ventilator maken we ons op voor de middagdrive. We stappen weer in de landrover en rijden naar een ander gebied. Na een tip van een andere ranger, komen we bij en plek waar een leeuwen familie is gespot. Onze gids vertelt over de familieverhoudingen en de wet van de sterkste. We zijn al gewend aan zebra,s, impala’s, kudus, en olifanten. Maar de leeuwen maken toch echt veel indruk.

De dag wordt afgesloten met een buffet buiten onder de bomen. De tafels zijn feestelijk gedekt en de gerechten staan op een muurtje aan de zijkant. Het smaakt weer heerlijk. Moe en voldaan gaan we naar bed.

De volgende morgen, dinsdag, staan we om 5 uur op en vertrekken naar het Krugerpark voor een game drive van een hele dag. De bus brengt ons naar het hek van het park, waar de open jeeps op ons zouden moeten staan te wachten. Die komen niet en er wordt een alternatief bedacht. We rijden het eerste deel met onze eigen bus door het park. We zien al na een kwartier cheeta’s en dat is heel bijzonder, want die laten zich niet vaak zien. We zien veel wild, maar de beperking van de ramen in de bus is een beetje jammer.

We lunchen bij een parkrestaurant en stappen om 1 uur in de open jeeps. De gids is niet zo’n prater en we maken in stilte onze kilometers naar de zuidelijke uitgang van het park. Dan ineens wordt het leuk. We zien een geweldige olifantenfamilie, giraffen, een nijlpaard en alweer leeuwen. Jakob zit naast de gids voorin en laat zijn camera afpakken door de gids die daarmee geweldige foto’s maakt.

Om 6 uur stappen we over in taxis want onze eigen bus is kapot en staat bij de garage. We worden naar de Muluwa lodge gebracht die in de buurt van Nelspruit ligt. Wat een luxe. We komen rond 7 uur aan en drinken een drankje met uitzicht op het geweldige ‘Bushveld’. Indrukwekkend!

Aansluitend genieten we van een driegangen diner wat met smaak bereid is. Dat kunnen ze goed. Dan lopen we naar onze lodge. Dat blijkt weer een tent te zijn, maar deze keer een hele luxe, met een prachtig uitzicht vanaf het grote bed. De badkamer is aangebouwd en van alle luxe voorzien met een regendouche en een toilet.

We nemen een douche en gaan op het lekkere bed liggen en slapen vrijwel meteen. Het was een pittige dag met zoveel nieuwe drukken.

De woensdag begint gelukkig niet zo vroeg. We kunnen tot 7 uur uitslapen en vertrekken om 8 uur richting Swaziland. Als we naar het hoofdgebouw lopen voor het ontbijt, blijkt er groot wild los rond te lopen op het terrein. We staan oog in oog met een giraf en zien een impala gezinnetje spelen met een kudu. Wat een wondere wereld. Het ontbijt is top, echt vijf sterren.

De groep is nogal vermoeid en er wordt in de bus veel geslapen totdat we de grens van Swaziland bereiken. De paspoort controle met stempel in het paspoort verloopt soepel en we gaan naar een dansshow van de Matsamo bewoners, een cultureel dorp waar we rond mogen kijken.

De polygamie wordt nogal aangedikt, met de koning als voorbeeld die 15 vrouwen mag hebben. Ondanks de toeristische achtergrond is het een mooie show en er wordt geweldig gezongen. Jakob koopt een CD en ik hoop dat er muziek opstaat.

We rijden dwars door Swaziland en de uitzichten zijn geweldig. Wat een prachtig land is dit. Op de berghellingen zijn heel veel tinten groen te zien. Het strijklicht van de namiddag is geweldig. We maken een stop bij de glasfabriek waar ook toiletten en wat winkeltjes zijn. Ik kon het niet laten om drie kleine glazen dieren te kopen. Daar vind ik vast nog wel een plekje voor.

Woensdag aan het eind van de dag komen we aan in Mlilwana, een wildpark, dat ontstaan is door een initiatief van een landeigenaar die zag dat er veel gestroopt werd en er veel wild uit de natuur verdween. Hij plaatste een hek en begon stropers te weren. Een bijzonder initiatief dat door meer landeigenaars gevolgd werd. We rijden een eind het bos in en zien dan groepjes beehives, ronde woningen gemaakt van takken en gras. Daar gaan we slapen. Het ruikt er erg naar aarde en dat is even wennen. De inrichting is erg leuk en heel praktisch.

Voor het avondeten geeft het personeel nog een dansshow, die duidelijk wat minder professioneel is dan die van de ochtend. Na een half uur zijn ze ingeslingerd en maken ze er een indrukwekkend geheel van. Alweer hebben we lekker gegeten. Koken kunnen ze goed, maar het afrekenen is een drama.

Het is nu donderdag 12 januari 2023. We zijn een week onderweg en hebben al zoveel gezien en meegemaakt. Ook hebben we heel veel foto’s gemaakt, die vast een plek gaan vinden in een fotoalbum als we weer terug zijn.

Wordt vervolgd.

Kerst 2022 in Cartagena – Spanje

Zondag 25 december 2022

Vandaag is het eerste kerstdag. Jonas schommelt zachtjes heen en weer. Het is een rustige ochtend met dichte mist. Dat hebben nog niet eerder gehad. De zon probeert er al een beetje door te breken. Het wordt weer een zonnige dag vandaag met een temperatuur van 19 graden.

Gisteravond zijn we naar de Kerstmis geweest in de Iglesia del Carmen, een mooie katholieke kerk in het centrum. De kerststal buiten had nog een lege kribbe. De sfeer tijdens de dienst was goed al verstonden we weinig van wat er gezegd werd. Er waren veel gezinnen en iedereen zag er prettig uit in de nieuwe kerstkleren. Nadat de dienst was afgelopen nam de pastoor het kindje Jezus ergens vandaan en bood het ter kennismaking aan aan de gemeente.

Niet netjes van mij, maar ik kon het niet laten om een foto te maken. Ooit waren wij in Kaapverdië, waar iedereen de knie van het kindje mocht kussen. Dat zal na Corona wel veranderd zijn in groeten met een knikje. Bijzonder om mee te maken.   

   

Buitengekomen was nu alle kerstverlichting aan. De afgelopen weken was het er wel, maar misschien uit energiezuinige overweging ging het nu pas aan. Wat prachtig.

Een bijzondere belevenis om zo tussen al die blije mooie mensen te zijn. We waren gistermidden op de dag ook al in de stad. Wat een feest was het daar. Grote groepen mensen, waarschijnlijk familie, vriendengroepen of collega’s waren in de stad om, in hun mooiste kleren, kerst te vieren. Er waren extra voorzieningen op straat gezet vanwaaruit er drank en tapas werd geserveerd. Lange rijen dekte tafels vulden zich met de mooie blije mensen. We keken onze ogen uit.

Eigenlijk zouden we helemaal hier niet zijn, maar ergens in de buurt van Cordoba in Andalusië. Alweer ging onze rondrit niet door. Ik voelde me woensdag nog niet fit genoeg om zoveel kilometers achter het stuur te gaan zitten en wilde niet nog een keer Jakob zonder rijbewijs te laten rijden. Het loopt niet weg, want voorlopig zijn we Spanje nog niet uit.

Hier in de omgeving is nog van alles waar we van konden genieten.

Op de kerstmarkt werd vorige week zaterdag een demonstratie gegeven door alle sportclubs. Prachtig om te zien. Frederique, een Nederlands meisje zit hier op Zumba-les en mocht op het podium een dansje doen op ‘All I want for Christmas’. We prezen haar prestatie en werden getrakteerd door haar ouders op koffie met wat lekkers.

Het blijft heerlijk om hier door de stad te dwalen en als afsluiting een drankje te drinken aan de haven.

Nu we een auto hebben kunnen we overal makkelijk naar toe. Een prima gelegenheid om de zware spullen, zoals water, bier en houdbare melk, alvast in te slaan bij een grote supermarkt. De auto kan vlak bij de boot stoppen, dus makkelijker kan het niet.

We reden naar Cala Cortina, een strandje in de buurt en verschalkten een visje in de zon. Het uitzicht hier blijft indrukwekkend. Er gingen nog twee zwemmers het water in, maar al snel kwamen ze er weer uit. Het was toch te fris.

Aan boord is het gezellig. Jakob knutselt met zijn elektronica en weet ook de kerstverlichting buiten – die het begeven had – weer tot leven te wekken. Veel klussen hoeft niet meer denken we. We komen er in februari, als we weer gaan varen, wel achter wat we vergeten zijn. Ik spuit het dek een aantal keren af met zout water om het teak weer wat schoner te maken. Of dat geholpen heeft zien we over een week of zo. Eerst moet de zon zijn werk nog doen.

Mazarron moet een leuk plaatsje zijn, was ons verteld. Het ligt een klein uurtje rijden hiervandaan. Heen namen we de snelweg, waar we tot onze verbazing twee keer tol moesten betalen. We parkeerden de auto ergens in het centrum en gingen op zoek naar de kerk. Er blijken er drie te zijn, waarvan er twee dicht waren. Nou ja, die ene was ook wel erg mooi.   We reden verder naar Puerto de Mazarron, dat waarschijnlijk ‘s zomers overstroomt van de vakantiegangers, maar nu erg rustig was. We wandelden naar de haven en zagen dat er maar één terras open was. Het was windstil en de zon was lekker warm. We wilden eigenlijk alleen maar een broodje eten, maar als de ober vragend zegt: ’Menu del dia?’  Dan is ons antwoord ‘Si, por favor’. We krijgen vier gangen en de fles wijn is er bij inbegrepen. Het eten is heerlijk en als de rekening komt verwachten we een flink bedrag. We kijken twee keer! Dat kan bijna niet: achtentwintig euro! Niet te geloven! Hier komen we nog een keer terug.

Om de paar dagen meert achter ons nog een cruiseschip af. Het is duidelijk minder druk in deze tijd. Het blijft een prachtig schouwspel om zo’n groot schip te zien manoeuvreren en aan te leggen. We zijn nog steeds erg blij met onze plek in de haven.

We zijn net naar de kerstlunch van de ‘live-aboards’ hier op de haven geweest.
Dat was zo gezellig en het was weer heerlijk om met andere zeilers van gedachten te wisselen over plannen en klussen. We namen alleen een drankje mee, want vanavond hebben we ons eigen kerstdiner aan boord nog.

Nog een paar dagen van de zon genieten en dan vliegen we weer naar Nederland om Oud en Nieuw te vieren. Het is te hopen dat het niet al te grijs is daar. Maar fijn om de familie weer te gaan zien.

Wat een rare week!

Zaterdag 17 december 2022, Cartagena – Spanje

Het is een rare week geworden die achter ons ligt. De plannen die we maakten kwamen niet uit, het weer was vreemd en toch was het een afwisselende week.

Na de gezellige zaterdag die we met Cindy en Geert doorbrachten, bedenken we, om de dag erna, de wandeling bij Cabo de Palos te gaan maken. We vertrekken rond 11 uur uit de haven en genieten in eerst van koffie met wat lekkers op een mooi terras in het vissersdorp.

   Er Er is nog niet veel volk op de been dus we hebben het kustpad voor ons zelf. Het weer is mooi en het zicht op zee is heerlijk.

   

Na ruim een uur keren we om en gaan weer richting onze haven met een tussenstop bij een hele grote Decathlon die boven op een heuvel staat, en waar we altijd wel iets van onze gading vinden. Als we na een halfuur weer buiten komen, staat er een heel harde wind, waarbij de bladeren van de palmbomen dwars uit staan. De lucht is dreigend met rare witte regenwolken. Voorzichtig rijden we terug naar de haven waar het echt loeit tussen de masten door. We lopen naar Jonas die schuin in zijn lijnen hangt. Gelukkig heeft Jakob weken geleden al stalen trekveren en dubbele lijnen gelegd. Binnen in de boot is het goed te doen, al moet je wel oppassen dat je niet omvalt als de boot een onverwachte zwiep maakt. Het regent enorm en we zijn blij dat we vrijdag de wintertent al over de kajuit hebben gezet.

We kijken nog eens naar het weer in Cordoba, maar daar is het ook niet best. Onweer en regen tot en met woensdag. Hier in Cartagena is het begin van de week nog goed, al blijft de harde wind staan, maar de zon zal zich regelmatig laten zien. We stellen het begin van onze autotocht uit naar woensdag.  

Er is hier in de buurt nog van alles te zien. Maandag rijden we naar de brug op de dijk die aan de kant van de zee ‘Mar Menor’ afsluit. Toen we met de boot hierlangs voeren besloten we om daar niet doorheen te gaan, maar door te varen. Als we na een uurtje rijden daar aankomen zien we dat het een goed besluit is geweest om hier niet te stoppen. De brug stelt niks voor en er staat een enorme stroming van uit het meer en vanuit zee, waardoor er staande golven  (golfjes) bij de brug zijn. Bovendien is de hele dijk volgebouwd met vakantie flats; vreselijk vinden wij, maar er zijn vast heel veel mensen die daar anders over denken.

Dinsdag rijden we naar Bateria de Castlillitos, een militair verdedigingswerk in de vorm van een Middeleeuws kasteel uit 1930. De weg er naar toe is prachtig. We rijden tussen heuvels door op een weg met haarspeldbochten die het laatste stuk steeds smaller wordt, waardoor het spannend is om veilig boven te komen. Maar het lukt, er waren maar drie tegenliggers.

       

We parkeren de auto en gaan op verkenning. Wat een ongelofelijke plek. Prachtige uitzichten, grappige torentjes en twee reuze kanonnen met daarnaast de verspieder torens. De zon schijnt en de wind is even wat minder. We genieten van deze bijzondere plek. Als we weer heelhuids via het smalle weggetje beneden zijn gekomen, stoppen we voor koffie in een cafeetje bij een kerkje. Tevreden gaan we terug naar de haven, waar het nog steeds flink waait.

Woensdag is het zo over. We gaan Andalusië verkennen. De tassen worden ingepakt, een aangebroken fles wijn gaat in de rugzak, samen met een lekker kaasje en wat toastjes. Tegen tien uur vertrekken we richting Guadix, waar onze eerste overnachting zal zijn.

We stoppen voor koffie in een piepklein dorpje niet te ver van de snelweg af, Velez Rubia en vinden een cafeetje op het dorpsplein waar de baas vast stierenvechter is (geweest). Het hangt vol met posters en prijzen en koppen van overwonnen stieren. Bijzonder!

Als we verder rijden naar Guadix begint mijn buik raar te doen en voel ik me niet in staat om verder te rijden. Wat nu? Jakobs nieuwe rijbewijs ligt in Soest op het gemeentehuis op hem te wachten. Nood breekt wet! Jakob kruipt achter het stuur en brengt ons naar een leuk hotelletje in Guadix.

Als we ingecheckt zijn ga ik een poosje op bed liggen, maar daar kwamen we niet voor. Dit dorp heeft een hele wijk met grotwoningen en die willen we natuurlijk zien.

Ik hijs me in de kleren en we gaan op zoek. Wat bijzonder is dit. De huizen zijn uitgegraven in kalksteen en hebben soms een gemetselde voorpui. Overal zie je witte schoorsteentjes uit het groen komen.

Dat had ik niet willen missen. In het hotel kruip ik terug in bed en Jakob geniet van de voetbalwedstrijd op TV.                                        Hij gaat in z’n eentje eten in het restaurant en stuurt me een foto van zijn hoofd gerecht. Jakkes! Ik was al zo misselijk…. Maar goed bedoeld  natuurlijk.

We slapen niet zo heel goed ondanks het heerlijke bed. We moeten een beslissing nemen. Gaan we door of gaan we terug. Het weer in Cordoba is nog steeds slecht en ik voel me ook niet geweldig. We gaan terug. Jakob rijdt en ik zit als een zombie naast hem. Heerlijk om dan weer terug aan boord te zijn. Ik voel me iets beter dan die morgen, maar ik ben er nog niet. De hotelreservering  in Cordoba konden we een week uitstellen. Volgende week proberen we het opnieuw.

Na een goeie nachtrust voel ik me vrijdag iets beter en we maken een wandelingetje door de stad. Bij de Chinese winkel kopen we wat extra kaarsjes om de gezelligheid aan boord te verhogen. De wind blijft om de boot gieren, maar halverwege de nacht wordt het rustig. De storm is voorbij. Er schijnen flinke overstromingen geweest te zijn in Andalusië vlak bij de Portugese grens. Misschien toch niet zo gek dat we zijn omgekeerd.

Vanmorgen schijnt de zon al vroeg en lucht is prachtig blauw. Het wordt een mooie dag! We drinken koffie en lunchen op het achterdek als vanouds. Heerlijk dit weer. Jakob gaat wat oefenen met zijn nieuwe drone en ik lees een boek.

Na de lunch gaan we op stap. Ik wil graag testen of het al wat beter met me gaat en stel voor om een klein autotochtje te maken. Gespannen ga ik achter het stuur zitten en ben blij als we 30 minuten later in Los Alcazares aankomen. Dat ligt aan de landkant van ‘Mar Menor’. Wat een leuk dorp. We zien een haven en er wordt een wedstrijd gezeild. Er loopt een mooie boulevard langs het strand en het is gezellig met hier en daar een terrasje. We gaan nergens zitten want de troostfinale van het WK voetbal wacht op Jakob :-).

   Als ik weer achter het stuur kruip voor de terugweg voel ik me een stuk beter. Wie weet ben ik morgen weer de ‘oude’!