Auteursarchief: Hanny Vlaskamp

Over Hanny Vlaskamp

Sinds juni 2015 zeilen Jakob en ik de wereld rond. Wat een heerlijk leven is dat. In mijn werkende leven reisde ik ook veel als CQA-consultant. Mede daardoor is mijn nieuwsgierigheid naar landen en culturen gewekt. Het is zo heerlijk om blije, tevreden mensen te ontmoeten, die geen zorgen hebben over hun bezittingen, want ze hebben niks. Gelukkig begrijpen mijn kinderen en kleinkinderen hoe bijzonder het is voor ons om deze reis te maken. We vliegen twee maal per jaar naar Nederland om vrienden en familie te knuffelen, zodat ze ons niet vergeten.

Op weg naar Denia

Zaterdag 27 maart 2021

Na 11 dagen in Cartagena werd het tijd om weer verder te gaan. De laatste dag fietsen we naar de vuurtoren die bij de haveningang staat. Dat was een mooi afscheid van deze mooie plek.

 

Het weer was weer stabieler geworden. Dat betekent dat na de harde wind er géén wind komt. Nou ja, we konden in ieder geval weer de zee op. De afstand naar Denia was ongeveer 150 mijl, dus dat we maakten vier hopjes langs de kust.

Dinsdag vertrokken we en werden uitgezwaaid door Janny en Marco van de Triskel.

We voeren samen met de Zilveren Maan de mooie natuurlijke haven van Cartagena uit.

De wind was 3 Bft, dus alle zeilen werden gehesen. We voeren vlak bij de Zilveren Maan, dus dat werd foto’s maken van elkaar. Altijd leuk.

Na verloop van tijd verdween de wind weer helemaal en werd het motoren tot een uur of twee. En toen.. kwam er echte wind, alle zeilen gingen weer omhoog en de motor kon uit.

  De windvaan werd gezet en daar gingen we we. Het grote genieten, want zeilen is toch het mooiste wat er is. De wind bleef staan totdat we bij de haven van Torrevieja aankwamen. Het strijken van de zeilen voor de haven was een beetje gehobbel, maar zodra we binnen de pieren waren, werd het rustig. We hadden gelezen dat je in de haven mocht ankeren, maar soms ook niet. We waagden het erop, want havengeld is duur en een anker laten vallen is het makkelijkst wat er is. We hadden plek zat en lagen heerlijk rustig.

 

Na een kwartier kwam de Zilveren Maan binnen en ging ook lekker voor anker liggen. Leuk, die twee wapperende Hollandse vlaggen. Best bijzonder om in zo’n havenkom te liggen naast de plek waar bergen zout klaar liggen voor verscheping. Heel anders dan bij een tropisch eiland.

Het zag er naar uit dat we nog wel een paar dagen op de motor moesten varen en onze dieseltank begon een beetje leeg te worden. We zagen een mooie lange steiger bij Marina Salinas, waar een dieselpomp op stond. Voor vertrek moesten we daar toch maar even langs gaan. We tankten 200 liter en hoopten daar weer een stukje verder mee te komen.

De dag begon bewolkt, maar tegen 11 uur kwam de zon. Het werd weer een heerlijke dag en de korte broek kon zelfs even aan. Jakob kreeg de kriebels toen er weer wat wind kwam en ging de spullen voor de genaker opzoeken. Altijd weer even kijken hoe het ook weer ging, als je zo’n zeil een poosje niet hebt gebruikt. Al snel ging de slurf omhoog en werd de shute opgetrokken. We verwachten we een mooi bol zeil. Maar… we waren vergeten, dat de vorige keer het zeil in een gleufje bij de zaling was blijven hangen. Daar zat nu een scheurtje in het zeil. En je snapt het al, dat scheurtje zag de zaling en kroop er weer lekker in. Ja, wat nu? Wat we ook deden, het zeil bleef vast zitten.

We maakten een soort worst van de genaker zodat die zo min mogelijk wind zou vangen. Gelukkig was er niet veel dus dat ging goed. Of het nou door die rare knoet kwam weten we niet, maar ineens kwam de Guardia Civil er aan gescheurd. En ja hoor, hij kwam echt voor ons. Gelukkig zorgden ze voor niet te veel golven bij de nadering, maar we waren toch wel benieuwd of ze iets zochten…..

 

 

Dat viel mee. Ze kwamen niet aan boord en wilden alleen weten waar we naar toe gingen. Het was nog een kleine 2 uur varen naar San Juan, onze volgende ankerplek. Ze bleven ons in de gaten houden tot het anker viel en daarna vertrokken ze.

De ankerplek was rustig en op een diepte van 4 meter lieten we het anker vallen. De zon scheen prachtig op de bebouwing langs de kust.

 

Wij moesten nu het probleem met de genaker op gaan lossen. Gelukkig lag Jonas redelijk stil in de baai en kon ik Jakob in de mast hijsen, zodat hij het zeil kon bevrijden van zijn beklemming. Dat ging prima. We repareerden de scheur met speciale tape en dat zag er goed uit. En toen moest er nog wat met die gleuven in de zaling, waar de verstaging in geklemd zit. Daar sliepen we nog een nachtje over.

Er stond wel wat deining, maar niet vervelend. We werden weer heerlijk in slaap gewiegd. Ineens hoorde ik stemmen buiten in het donker, wat krijgen we nou? We zijn toch niet in de Carieb? Ik ging naar buiten en zag een boot met roeiers met een heel klein lampje op. En wat ik hoorde waren de commando’s van de roerganger. Best bijzonder.

De volgende ochtend zagen we de roeiboot weer en nu konden we zien wat we gister hoorden. Wel grappig dat het allemaal donkere mensen waren. Toch een beetje Carieb.

Na het ontbijt ging Jakob weer de mast in, gewapend met allerlei soort spullen om het uiteinde van de zaling onaantrekkelijk te maken voor de genaker.

Uiteindelijk wurmde hij er een touwtje in waarmee hij het gat opvulde. Best een toer om bij het uiteinde van de zalingen te komen en dan ook nog dingen te moeten doen. Maar hij is een bikkel en klaarde het klusje prima. Nu maar hopen dat we vandaag genaker-wind krijgen.  De dag die zonnig (donderdag) begon werd heiig. Er stond een flinke zeemist, we hoopten dat die snel op zou trekken, want we zijn bijna bij Benidorm en dat wil je toch niet missen!

Het bleef heiig, maar de wind trok wel wat aan. Tijd voor de genaker. Dat ging nu veel geroutineerder en hij stond zo. Jakob glunderde, want dit is echt zijn favoriete zeil.

 

 

Heerlijk om zo door het blauwe water van de Mediteranee te glijden. Rond een uur of vier kwamen we bij de baai van Calpe aan.

De genaker was gestreken net als het grootzeil. We zochten een plekje uit wat enigszins beschutting tegen de deining uit het zuidwesten zou geven. We kropen zover mogelijk achter de pier van het haventje en lieten het anker vallen. Imposant om achter die grote steenklomp te liggen. Calpe is een plek waar Rob en Ria (Schoonhoven) vaak komen, dus we lieten hen weten dat we er waren. Zo leuk om dan even te facetimen. Er kwamen nogal wat vissersschepen binnen, wat een leuk gezicht was.

De wind ging liggen en de swell deed zijn ding. We wiegden rustig heen en weer en dat was goed. ’s Nachts werd dat wat heftiger, maar dat zou ook vanwege de uitvarende vissers geweest kunnen zijn.

De volgende morgen scheen de zon uitbundig en kon de berg nog even in volle glorie op de foto. Echt een mooi plekje hier. Het laatste traject van de vierdaagse was aangebroken. Nog 20 mijl naar Denia. Het weer was een beetje vaag. Letterlijk en figuurlijk. Wel wind, geen wind, dan weer helder, dan weer heiig. Echt jammer dat er zoveel van die grote flats langs de mooie kust staan.

Denia was te herkennen aan het kasteel, dat we duidelijk konden zien. Het invaren van de ruime haven was heel makkelijk. Onze haven, El Portet, lag achter in het hoekje. Een marinero stond ons al op te wachten. Het leek een hele grote plek die we kregen, wel met achter ankers en dus geen zijsteiger. We moesten goed aan de kant gaan liggen, zei de marinero, want er moest nog een schip tussen kunnen. Wij verwachtten een ranke zeilboot, maar daar kwam een grote vissersboot met volle kracht achteruit het gat in. We konden nog net op tijd onze zonnepanelen binnenhalen. Het paste net, we lagen strak met de stootwillen ertussen. Weg uitzicht op het kasteel. We hadden best een beetje de pest in, want we betalen veel geld om hier te liggen.

Jakob ging inchecken bij het kantoor en ik ruimde de boot op want we zouden Henny en Ben op bezoek krijgen. Die ken ik vanuit de haven van Monnickendam, waar ze aan de overkant van de steiger lagen. Ze wonen intussen al 10 jaar hier, dus erg leuk om elkaar weer te gaan zien. De boot was schoon, Jakob had ingecheckt, dus nu nog douchen. Jakob had een sleutel gekregen. Die bleek te passen op een luxueuze badkamer, met weliswaar één douche, maar wel een grote. Nou, dan maar samen douchen, wat een grap. Dat was al een aardig poosje geleden. We waren onze teleurstelling over de krappe plek voor de boot al gauw vergeten.

Henny en Ben kwamen aan boord. Dat was een beetje lastig, want zonder zijsteiger moet je over de punt aan boord klimmen. Henny wist nog, dat ze in M’dam op zo’n manier bij mijn boot in het water terecht was gekomen. Oei, ik was dat vergeten. Maar als je iets graag wilt, dan gaat dat en ze kwamen beiden veilig aan boord. En wat was het gezellig. Jakob was nieuw in dit clubje, maar dat was heel snel over. We haalden oude herinneringen op en vertelden nieuwe verhalen aan elkaar. Echt leuk.

Het weer veranderde vrij plotseling. Er kwam veel wind uit een andere hoek, dus we verkasten van het achterdek naar de kuip. We waren toch wel blij dat we nu in een haven lagen (al was het wat krap), want op anker kan het flink onrustig worden bij veel wind.

En nu zijn we dus in Denia. Ik heb net de was in de machine gedaan en Jakob is brood halen. Vanmiddag gaan we het stadje verkennen. Het ziet er veelbelovend uit.

 

 

Cartagena, prima plek!

Zaterdag 20 maart 2021

We zijn nu ruim een week in Cartagena en het bevalt heel goed. De eerste indruk die we bij aankomst kregen klopte. Het is hier relaxed, niet druk, omdat er geen toeristen zijn en er is veel open, zelfs de musea.

 

  We zijn er dus lekker ingesprongen en hebben intussen heel wat gezien. Het weer is erg wisselend. De ene dag is het echt warm en de volgende dag regent het of is er een koude noordenwind. Het voorjaar is hier dus ook nog niet echt begonnen.

               Het is leuk om eerst eens wat rond te lopen zonder doel in een stad die je niet kent. Dan kom je op plekken die je misschien overgeslagen zou hebben. Het bracht ons bij een lift, die ons naar het kasteel bracht, vanwaar je mooie uitzicht hebt over de haven.

Onze haven is vlakbij bij de vissershaven met een visrestaurant. Daar hadden we goeie berichten over gehoord. We wilden daar zondag naar toe, maar het bleek dat Spanjaarden ook op zondag graag gaan lunchen. We konden op de wachtlijst, niet dus! Terug op de boot leefde ik me uit met een zondagse lunch en dat was zeker wel zo lekker. Maandag probeerden we het weer en toen bleek het heel stil te zijn.

     We gingen lekker buiten zitten en bestelden vis. Ik had gekozen voor gefrituurde vis en kreeg een groot bord met vis waar ik niet op gerekend had. Sardines vind ik niet zo, inktvis houd ik niet van, maar de kleine garnaaltjes, die je in zijn geheel moet opeten zagen er goed uit.

Jakob had een mooie Dorade, wat zeker een beter keuze was. Ik heb goed mijn best gedaan en toch bijna alles opgegeten. We zaten daar erg leuk en het was mooi weer. Robin van de Zilveren Maan maakte een mooie foto van ons.

De volgende dag gingen we op zoek naar het Romeinse Theater, maar halverwege bekenden we aan elkaar dat we ons niet zo lekker voelden. Had dat iets te maken met vis eten op maandag? Dan maar geen theater en het werd hangen op de boot. Ook niet echt verkeerd. We spraken Janny van de Triskel, die vertelde dat ze naar het strand waren gelopen. Dat knoopten we in onze oren. Toen het de volgende dag mooi weer was, gingen we op pad. Het eerste stuk was niet zo geweldig, maar daarna werd het alsmaar mooier.

        

En daar gingen we, verder omhoog over een mooi pad langs heel veel historie. Het lamlendige gevoel van gister was helemaal weg. Mooi zo. Tegen half één keerden we om nadat we prachtige foto’s hadden gemaakt. Het uitzicht over de baai was imponerend.

  Bij het strand was een restaurantje, waar we lekker koffie dronken. Het uitzicht op de verdedigingswerken die een stukje hogerop lagen was uitdagend.

We kwamen weer bij het restaurantje en genoten van een welverdiende lunch, zittend aan een tafeltje met uitzicht op het water. Wat een mooie dag. Het stuk terug naar de boot was best pittig na een glaasje wijn, maar tevreden klokten we ruim 12 kilometer. De rest van de dag deden we niet veel meer, want we zijn toch geen 20 meer.

Donderdag was het ineens weer herfst hier, een goed excuus om de hele dag binnen te blijven. Er is altijd wat te doen en de plannen voor de volgende tocht werden gemaakt. We willen in vier hopjes naar Denia, dus wachten het betere weer af.

Dat Romeinse theater stond nog steeds op ons lijstje, dus keken we wat beter waar de ingang was en liepen deze keer goed. Eerst kwam je in een museum en daarna in het echte theater. Ongelofelijk wat er vroeger toch allemaal gebouwd werd. Daar krijg je steeds meer respect voor.

        

We liepen verder door de wijk waar het theater staat en kwamen behalve leuke straatjes ook nog mooie muurschilderingen tegen.

  Eind van de middag waren we bij Janny en Marco uitgenodigd. Die hebben een prachtig schip, een Maalo 43, degelijk, ruim, mooi afgewerkt en een stuk nieuwer dan onze Jonas. We zaten heerlijk in de kuip met kuiptent vanwege de kou en wisselend weer allerlei verhalen uit. Leuk, lekker en gezellig.

Vandaag is het echt koud. Jakob heeft zijn dikke zeiljas tevoorschijn gehaald en dan is het op straat nog niet behaaglijk. Ons doel was het Scheepvaartmuseum. Ik had verwacht dat er ook wel iets over ontdekkingsreizigers zou zijn, maar dat was niet het geval. Het was toch een prachtig museum met heel veel mooie dingen.

 

  Nu hebben we voorlopig weer genoeg cultuur gezien en bewaren nog wat voor een volgende keer. Want dat we in Cartagena terugkomen staat vast.

Vanmiddag zouden we boodschappen gaan doen bij de Carrefour en dat is 20 minuten lopen. We stonden al buiten, maar keerden snel weer om. We stellen het maar een dag uit. De wind is zo koud!

Ik kan me voorstellen dat er lezers zijn die denken, 15 graden is toch lekker! Maar stel je dan eens voor dat je in een tent zit en niet in een huis met centrale verwarming. Nou, dan snap je vast dat we zo zeuren over kou. Gelukkig hebben we een elektrisch kacheltje en dat deed het prima, totdat de stroom van de haven uitviel…..

Ik hoorde vanmorgen dat er in Nederland weer nachtvorst komt. De lente in Nederland schiet dus ook niet erg op. Nou ja, het gaat vast weer een warme zomer worden. 

In drie dagen van Almerimar naar Cartagena

Zondag 14 maart 2021

Ons vorige tripje van drie dagen naar Almerimar was goed bevallen. Voor herhaling vatbaar dus. We zochten weer twee mooie ankerplekken op voor de overnachtingen en besloten op woensdag te vertrekken.

Maandag was Jakob naar de dermatoloog geweest, die vakkundig de slechte plek uit zijn wang wegbrandde. De napijn viel mee.

Dinsdag gebruikten we voor de reparatie van de dynamo, de laatste was naar de wasserette brengen, boodschappen doen en een gezellig bezoekje van Nanny en Victor op de Jonas.

     Woensdag was een stralende dag. Er zou weinig wind zijn, dus het werd motoren. Onderweg konden de zeilen toch nog gehesen worden, maar de motor moest wel blijven pruttelen. Wat is de kust na Almería prachtig. Lekker ruig, nauwelijks bebouwing en prachtige rotspartijen. We genoten. Het was zo relaxed.

 

  De eerste ankerplek, na 38 mijl, was net achter de Cabo de Gata. Met veel wind zal het daar vast spoken, maar nu was het een paradijselijke plek. Glooiende heuvels, een dikke berg om achter te schuilen en een klein beetje swell. Hier zou je een poosje willen blijven.

 

De volgende morgen gingen we rond 8 uur ankerop, want we hadden een kleine 50 mijl voor de boeg. In de morgen was er geen wind, maar tegen 10 uur konden de zeilen omhoog. De koers was lastig, recht voor de wind, dus we laveerden een beetje.

De wind trok aan tot een dikke 6 en de bijbehorende golven waren kort en akelig. Het was ook koud, dus de korte broek ging uit en de warme kleren waren erg welkom.

We wilden bij Aguilas in de havenkom ankeren, die plek had goeie recensies op Navily. Nu lag het aan lagerwal en de golven bouwden zich op. Het zeil strijken op zee was echt nodig, want de havenkom leek klein.

En toen ging het mis. Ik ging aangelijnd met zwemvest aan naar voren, maakt de val los en klom op het bijbootje om het zeil naar beneden te sjorren. Dat ging ineens niet meer. Ik schreeuwde naar Jakob wat het probleem was en vroeg om over de andere boeg te gaan varen. Halverwege het strijken was het zeil achter een stepje blijven hangen en misschien schoot het door de andere wind inval los. Ik hing als een koalabeer om de mast om mijn evenwicht te bewaren en niet onderuit te gaan. Het zeil schoot niet los.

Jonas danste en klotste op de golven met een klapperen zeil en ik zat aan de mast geklemd. Plotseling kwam Jakob naar voren, klom via de stepjes onaangelijnd omhoog, rukte het zeil los en ging weer snel naar het roer. Dat ik dat nou zelf niet bedacht had!

Gelukkig kon ik nu het zeil verder strijken en vastbinden. De haven van Aguilas lieten we voor wat het was en zochten naar een betere plek. En ja hoor,  6 mijl verderop achter een dikke rots was een beschut plekje. Al rollend over de korte hoge en harde golven voeren we daar naar toe.

 

En wat een rust achter zo’n rots. Opgelucht haalden we adem. We twijfelden er niet aan dat het goed zou komen, maar je weet nooit precies hoe lang het duurt.

Ankeren gaat eigenlijk altijd goed, dus om 6 uur zaten we heerlijk aan ons ankerbiertje met alweer een schitteren uitzicht.

Het laatste traject was maar 31 mijl, dus we hadden geen haast om te vertrekken. Rond half 10 ging het ankerop en begonnen we aan ons rustige tochtje naar Cartagena.

Ineens ging de telefoon. Hé, Martin en Ellen (Acapella) uit Nieuw Zeeland. Wat leuk. We kletsten even, maar met de motor bij was dat niet echt handig.

Vroeg in de middag zagen we de haven van Cartagena in de verte. Een half uur later voeren we de beschermde havenkom  binnen. Wat een mooie tocht was het weer geweest. We riepen de haven op en kregen een mooi plekje met een degelijke zijsteiger.

En er stond een vrouw op te wachten, die zei, “welkom in Cartagena Hanny en Jakob”. Ik keek haar een beetje stom aan en dacht, oké ben ik vergeten wie dat is??

Maar gelukkig zei ze dat Martin en Ellen hadden gevraagd om ons te begroeten. Janny en Marco liggen al een tijdje in Cartagena en dat wisten M en E.

Later kwamen ze ook nog een fles wijn brengen. Nou, een beter welkom kan ik me niet voorstellen!

We blijven hier een dag of tien, want er is van alles te beleven en het is lekker weer. We hopen dat in Nederland het ook snel beter wordt, want die harde wind en regen of hagel is helemaal niks! Hou vol, de lente komt echt!

 

Almerimar, beetje anders….

Zondag 7 maart 2021

Dinsdagmiddag zijn we aangekomen in Almerimar, een hele grote haven met veel overwinteraars. We kreeg een mooie plekje dicht bij de winkels en het sanitair. Na alle lijnen goed vast te hebben gelegd en een afstapje naar de kade te hebben gemaakt, gingen we op verkenning uit.

Er zijn best een aantal terrassen en cafe’s open, maar er is niet echt gezelligheid. De appartementen zijn meestal leeg en op straat is ook niet veel vertier.

Jonas had een schoonmaakbeurt nodig, want van dat gehots en geklots in Motril zaten er flink wat vuile plekken op de romp. Het was lekker weer, dus heerlijk met water gespeeld en ook het dek lekker afgespoeld. Daarna op een terrasje met uitzicht op het havenkantoor geluncht.

Er is een grote supermarkt vlakbij, dus we konden de voorraden weer wat aanvullen. Daarna gingen we op zoek naar een dokter, want Jakob heeft een bultje op zijn wang en dat gaat niet weg. Er werd goed naar gekeken, maar het is toch beter om langs de dermatoloog in El Ejido te gaan. Maandag kunnen we daar terecht.

Intussen had de stapel vuile was zich ook aardig uitgebreid en werd het tijd voor een wasserette. Die is hier om de hoek. Twee grote machines vol, gewassen, gedroogd en opgevouwen voor 20 euro. Zo ging dat ook in de Pacific.

Wat denken we daar toch vaak aan terug. En aan alle mooie dingen die we daar hebben meegemaakt. Nu zijn we op de Middellandse Zee; tot nu toe heeft die nog niet veel van zijn bekoring laten zien. Maar dat komt vast nog wel.

Via zeilers die we in Tonga hadden ontmoet (sv TiSento) hoorden we dat hier vrienden van hen lagen, Nanny en Victor met de Miles Away. Ze kwamen ons die middag gelijk begroeten. Interessant om hun verhaal te horen, ze liggen hier al een jaar vanwege de Corona crisis. In Spanje zijn de Corona maatregelen wel heel erg heftig geweest. Nu valt het mee, alleen dat vreselijk mondkapje dat je overal op moet is akelig. En van de avondklok hebben we geen last, want wij zijn toch altijd aan boord ’s avonds.

Jakob had gelezen dat hier een lasser zit en we hadden nog wel wat reparatie dingetjes. Het harpje van het lummelbeslag was gebroken, zodat de bazaan geen goed hechtpunt had op die plek. Ook was er nog een schuifoog van de giek van de hoofdmast, wat gebroken was bij harde wind, toen de neerhouder daaruit losbrak. En wat is het dan geweldig, dat je ’s morgens naar de lasser toe gaat en de klus ’s middags al klaar is, kosten 10 euro.

Om een idee te hebben waar de kliniek is waar Jakob maandag moet zijn, namen we de bus naar El Ejido, een stadje hier in de buurt. Maar na de busrit vorige week naar Granada, viel dit heel erg tegen. Wat een treurigheid. Industrie, tuinbouw en winkelcentra. Nou ja, dachten we, het dorpje al wel leuk zijn.

 

 

Maar nee hoor, daar was echt niks. We vonden de kliniek, maar een gezellig pleintje met een kerk en een kroeg was niet te vinden. Er was één oud gebouw en dat hebben we maar even op de foto gezet. We namen de eerstvolgende bus terug, want in onze haven is het dan stukken leuker.

 

 

 

 

We brachten een tegenbezoek aan Nanny en Victor, die met hun mooie nieuwe grote Hanse aan de volgende steiger liggen. Wat een mooi schip en wat is die Victor een man met gouden handen. Prachtig en degelijk, wat hij allemaal aan dat schip heeft verbeterd. Knap!

Vanwege het weekend heb ik maar weer eens een appeltaart gebakken. Met oude restjes meel en boter, werd hij toch niet zo lekker als anders, maar we werken ons er wel doorheen….

De weerberichten bekijken we regelmatig, maar daarmee kan je ze nog niet naar je hand zetten. En dat is jammer, want we worden wel een beetje sloom van die kleine stukjes die we varen, gevolgd door een week verwaaid liggen. Maar goed, dat hoort ook bij het zeilersleven.

In New Caledonia, waar vrienden van ons vast zitten, kwam binnen een paar weken de tweede cycloon over. Dat is pas echt erg! En dan die Tsunamie in Nieuw Zeeland bij Acapella, Brrr! Dat wil je dan toch ook niet meemaken. We wachten gewoon af, tot we weer verder kunnen. Dat lijkt nu woensdag wel te kunnen. We gaan het zien.

In Nederland is het voorjaar geworden zie ik aan de foto’s die langs komen. Geniet ervan, want dat betekent dat Corona ook gaat verdwijnen.

 

Motril en Granada, even weg van de boot

Maandag 1 maart 2021

We liggen nu bijna een week in Motril en het klotst en wiebelt en kraakt nog steeds. En de wind blijft ook nog steeds uit de verkeerde hoek blazen. De reden voor al dat geklots is vast een veld van veel hoge golven hier ver vandaan bij de Afrikaanse kust misschien, waardoor hier de swell van 0,5m naar 3,0 m is opgelopen. En ga maar na als je in een bak water, wat deze haven is, steeds water erin en eruit perst, dan liggen de voorwerpen, wij dus op onze bootjes, heel erg te klotsen. Dat is vast niet altijd zo hier, maar wij zitten er mee en zijn het wel een beetje zat.

Gelukkig konden we de buurt gaan verkennen, want niemand verplicht je om de hele dag op je schommelboot te zitten. Woensdag namen we de bus naar Motril, de stad (wij zitten in Puerto de Motril). Dat was een ritje van een kwartier. We hadden ook op de fiets kunnen gaan, of lopen, maar dit was lekker makkelijk. We keken lekker rond naar mooi gebouwen, leuke straatjes en aten en dronken wat. Leuke stad, maar niet heel indrukwekkend.

   

  

De stad Granada, die op 70 km afstand ligt, was veel aantrekkelijker. We konden er ook weer met de bus naar toe. En wat een mooie tocht. We zagen heuvels en dalen, een stuwmeer, de witte toppen van de Sierra Nevada en mooi vegetatie.

Na een uur stapten we uit bij het busstation, een beetje aan de buitenkant van de stad. Daar moesten we snel vandaan. Dus na een kopje koffie met churras, namen we een taxi naar ons hotel, Santa Isabel La real, genoemd naar het klooster wat er naast staat.

Het  hotel lag midden in El Albaicin, de oude Arabische wijk met kleine kassei straatjes en pleintjes, die steil omhoog en omlaag lopen.

 

Het was een Andalusisch huis uit de 16de eeuw. Prachtig. We waren de enige gasten en kregen de mooiste kamer op de tweede verdieping met uitzicht op het Alhambra en de Sierra Nevada.

  Na uitgepakt te hebben, daalden af naar de benedenstad en verkenden de pleinen bij de enorme grote kathedraal. Jammer genoeg was die dicht, maar de terrasjes waren wel open. We genoten van een biertje, wat ze hier in een soort whiskey glazen schenken.     We bestelden tapas en genoten van de gezelligheid. We zagen veel jongelui en mensen die muziek maakten. Heerlijk om door zo’n stad zonder toeristen te drentelen en al het moois op je in te laten werken.

Eind van de middag kwamen we bij de rivier terecht die langs het Alhambra loopt en streken neer op alweer een leuk terrasje. Een mooi plekje, want voor onze neus begon een groepje gitaar te spelen en flamenco te dansen. Geweldig. Wat zit daar toch een passie in.

 

 

En toen werd het tijd voor avond eten. We weten dat dit in Spanje echt niet voor 8 uur kan, dus we liepen nog een poosje rond. Maar het bleef overal donker en we roken ook geen lekkere geuren. En ja, toen beseften we dat hier ook een avondklok is, waardoor de horeca alleen overdag open was. Wat nu? We moesten toch iets eten. Gelukkig vonden we een klein supermarktje, waar we chips en appels kochten, daar moesten we het dan maar mee doen. We hadden uren gelopen, dus dan is het heerlijk om lekker op het hele grote bed te gaan relaxen in onze mooie kamer.

Voor zaterdag hadden we kaartjes voor het Alhambra geregeld. Ik had begrepen dat er niet te veel mensen tegelijk in mochten. Nu met de afwezige toeristen kon dat meevallen, maar ‘better safe than sorry’. We mochten er om 10.30 in. Een mooie tijd.

Maar om daar te komen, moesten we eerst de berg aan onze kant af en daarna weer omhoog om bij de ingang van het Alhambra te komen. Poeh, dat was niet mis, maar de ouwetjes doen het nog best.

  Een beetje te laat waren we bij de ingang. Daar werd ons paspoort gecheckt en in het systeem ingevoerd. Overal waar we kwamen wisten ze nu dat wij er waren. Best een beetje gek.

 

Het Nasridenpaleis was ons eerste doel. Dat is een Moors paleis, waar in de 13de en 14de eeuw de sultans woonden. Wat een pracht en zo mooi onderhouden. Overal waren waterpartijen, die mooie plaatjes opleverden.

 

 

     

  Tijd voor koffie. Er was een souvenirwinkel, waar een bord buiten stond dat er een Nespresso te koop was. Nou, dat moest goed zijn. Het bleek dat helemaal achterin de winkel een binnenplaatsje was, waar je heerlijk kon zitten om van de koffie te genieten. Heerlijk.

    We wilden het paleis van Karel V gaan bekijken, maar dat was gesloten. Dan maar door naar het Alcazar, het echte fort uit de 11de eeuw met dubbele vestingmuren en veel torens. Wat konden ze vroeger toch geweldige gebouwen neerzetten. Ongelofelijk en heel imposant. Vanaf een van de torens had je een geweldig uitzicht over de stad en konden we de Albaicin wijk, waar ons hotel stond, goed zien. Jammer dat het een beetje nevelig was.

  Vandaag wilden we op tijd een warme maaltijd bemachtigen, om niet net als gister met een halfgevulde maag naar bed te gaan. We daalden af naar de stad en kwamen weer bij de terrasjes aan de rivier. Daar konden we een heerlijk ‘menu de dia’ krijgen, waar we erg van genoten. Tegen 4 uur was het tijd om te gaan uitrusten van al die kilometers die we weer gelopen hadden. Maar wat was het de moeite waard. Heerlijk om weer op onze mooie kamer te zijn.

We werden zondagmorgen wakker en de lucht was stralend blauw. Boven de stad hing een luchtballon. Zo mooi!

Na alweer een heerlijke nacht op een bed wat niet wiebelde, vertrokken we weer richting busstation. Tegen 12 uur kwamen we in Montril aan. Deze keer deed de bus er iets langer over, want hij maakte een omweg via een klein dorpje. Prachtig om nog langer te genieten van de prachtige omgeving.

In Montril werd vanwege Andalusia dag een beeldje onthuld met muzikale omlijsting en wat toespraken. Dat pikten we nog maar even mee, voordat we weer naar ons hobbelschip gingen.

En inderdaad, het was nog net zo klotserig in de haven als toen we vrijdag weg gingen. Gelukkig had ik nu wasbolletjes voor mijn oren gekocht. Die sluiten het geluid echt af, alleen het rukken aan de lijnen bleef over. Dat voelt alsof er steeds iemand aan je bed staat te schudden. Maar.. we klagen niet (nou ja, een beetje).

Vanmorgen ging Jakob naar de winkel voor scheepsartikelen en kocht 2 grote trekveren om aan de landvasten te maken, zodat het geruk enigszins gedempt werd. Hij was lekker bezig met die klus en splitste ogen aan de lijnen, die daar voor nodig waren. Nuttig werk dus.

Ik vermaakte me met een beetje soppen, want dat moet toch ook af en toe gebeuren. En de vlag, die was door al die wind weer helemaal gerafeld. Die heb ik dus ook weer een stukje kleiner gemaakt en omgezoomd op de nieuwe naaimachine. Gelukkig doet die het met goeie naalden en goed garen helemaal perfect.

Morgen vertrekken we vroeg naar Almerimar. Er is weinig wind uit het noorden, dus dat moet gaan. Het is ongeveer 38 mijl (7 uurtjes).

Woensdag is de harde oostenwind weer terug, dus we piepen er hopelijk morgen mooi tussendoor.

 

PS. Intussen zijn we in Almerimar aangekomen en het is hier heerlijk rustig!