Soesterberg, dinsdag, 20 januari 2026
Hoe kan je je beter voorbereiden op een zeiltocht over de Atlantische oceaan, dan op je eigen schip, dachten wij. Vol goede moed vertrekken we zaterdagmorgen naar Enkhuizen. Het inspirerende bezoek op vrijdag van Karin en Eric van de Marelief deed daar nog een schepje bovenop.
De zon scheen en de Houtribdijk lag te stralen tussen het Markermeer en het IJsselmeer. Rond het middaguur stappen we op Jonas, waar we een dag of tien geleden nog net op tijd de
antivries in de belangrijkste delen hadden gedaan. Het dek ziet er smerig uit.
Binnen is het 4 graden, dus de eerste actie is om de kachels aan te doen. Binnen ziet alles er goed uit en ik zet het vaasje bloemen, dat we van Karin en Eric kregen, op de tafel. Zo kunnen we er hier ook van genieten.
Na de lunch wandelen we langs de havens via de binnenstad naar de scheepswinkel van Joosten om daar nog een jerrycan met antivries te kopen. Ik kijk even bij de boeken en zie allerlei zeilverhalen staan, maar mijn boeken over onze wereldreis staan er niet bij. Als ik naar de kassa loop, waar Jakob net de antivries afrekent, vraag ik ernaar. In het computersysteem is niks terug te vinden. Ik krijg advies om een mailtje naar Remco, de eigenaar, te sturen, dan komt het vast wel goed.
We maken ons rondje door de stad nog een beetje uitgebreider en komen met frisse wangen terug aan boord. Het is er heerlijk warm. We drinken thee met wat lekkers en verdiepen ons in de beschrijving van onze komende zeiltocht met de Oosterschelde. We hebben er zin in en verhgeugen ons op de wind in de zeilen. Hier in de Buyshaven is het windstil en Jonas beweegt niet echt.
Zondagmorgen slapen we lekker uit. Als we om half twaalf naar buiten gaan, is het heel koud, er staat een noordoostelijke wind. We stappen flink door, want we hebben kaartjes voor een Huyskamerconcert in het Zuiderzeemuseum. Dat begint om twaalf uur. We lopen langs de binnenhaven, langs de Dromedaris en komen op tijd aan. We zijn benieuwd.
Als we ons bij de kassa melden, blijkt het uitverkocht te zijn en we zijn blij met de kaartjes die we zaterdag online kochten. De hal van het binnemuseum is omgetovert tot een soort concertzaal met wel honderd stoelen. De bezoekers zijn ongeveer van onze leeftijd,..
Precies op tijd begint het concert. Een jonge man met rood haar speelt gitaar en een vrouw die zijn moeder zou kunnen zijn speelt viool. De Ierse muziek begint de ruimte te vullen, het klinkt best goed en het refrein van een aantal liedjes mogen we meezingen. Dat gaat eerst heel aarzelend, maar tegen het eind van het concert zijn de mensen eindelijk los en wordt er zelfs in de handen geklapt. We hebben geen spijt dat we gekomen zijn.
Als we rond drie uur naar buiten gaan, is er dikke mist opgekomen. Het is ook een paar graden kouder geworden. Langs de kade op de hoek, ligt er een spookschip aan de wal. Ongelofelijk dat die mist zo ineens gekomen is. We stappen stevig door om zo snel mogelijk weer op de boot te zijn. De kachel was nog aan en het voelt gelijk behaaglijk. Het wordt weer een gezellige avond met een filmpje en koffie met chocola.
Als we maandagmorgen naar huis vertrekken, hebben we weer een echt bootgevoel. De warming-up voor Kaapverdie is gelukt.
Op de terugweg naar huis, rijden we naar Eembrugge om naar de liplaats voor onze nieuwe motorboot te kijken bij Jachthaven Kroeze. Dat ziet er goed uit. Makkelijk aan te varen en vrij uitzicht vanaf het achterdek. Het haventje is klein en ligt midden in de polder aan de Eem. Van hier uit is het randmeer maar een halfuurtje varen. We zijn benieuwd wat deze uitbreiding van onze vloot ons gaat brengen.
Woensdagmorgen vliegen we vanaf Eindhoven Airport naar Sal op Kaapverdië.
