Een rondje Santiago

Tarrafal, maandag 26 januari 2026

Nadat het anker gevallen is, wordt het heerlijk rustig in m’n kooi. Ik hoef niet meer bang te zijn om eruit te vallen. De handdoek die ik onder de rand van de matras had gestoken heeft me mooi tegengehouden. Na het douchen ga ik snel naar buiten om de baai te bekijken. Ruim 10 jaar gelden kwamen we hier in Tarrafal aan met onze eigen Jonas. Waar blijft de tijd!Na het ontbijt vertrekken we met de dinghy naar de wal. Er is geen echte aanlegplaats, dus we worden via de punt op de kant gezet. Zolang er geen golf komt gaat dat goed. Als iedereen aan wal is, stappen we in twee busjes voor een rondrit over het eiland. Het is erg groen en begroeid hier. Mooi om te zien. We beginnen met een wandeling op de berg Pico ‘d Antonia. Met het busje gaan we tot 600 meter en daarna lopen we zelf een uur omhoog. Best pittig, maar het is een mooie wandeling.Daarna rijden we naar Assonada, de hoofdstad van het eiland. De markt is altijd leuk en kijken naar de bewoners ook.We lopen een rondje en gaan lunchen bij Pingo Pingo. Er verschijnt heel veel eten op tafel. Een bonenschotel, rijst, groente, vis en kip. Dan volgt ook nog een toetje met koffie. We kunnen er weer tegen! De volgende stop is bij de grootse kapokboom van het eiland.

Via steile hobbelige weggetjes gaan we omhoog. De boom is enorm. Tot slot rijden we nog een heel eind door groene heuvels en over kronkelige wegen om bij een zwart strand te komen. Een paar stoere groepsgenoten gaan het water in. Wij niet! Om half 6 worden we weer opgepikt bij het haventje van Tarrafal. We hebben veel gezien en zijn weer klaar voor een zeildag morgen.

 

De Oosterschelde omarmt ons

Zaterdag 24 januari 2026, Palmeira, Sal

Vandaag schepen we in op de Oosterschelde. Maar voor het zover is, hebben we nog een dag te vullen, want we worden pas om 5 uur opgehaald bij de vissershaven. We beginnen met uitslapen. Heerlijk. Daarna douchen en ontbijten. Het ontbijt is net als gister, yoghurt en een broodje. Prima. Dan gaan we op zoek naar een ATM om lokaal geld te trekken. De koers is ongeveer 1:100. Lekker makkelijk dus.

Onderweg komen we souvenirverkopers tegen. Ik kocht gister al twee armbandjes, maar wil er nog meer. Ze zijn goedkoper dan in de winkel. Drie voor 5 euro en nog eentje als cadeau. Jakob mag een foto maken. De vrouw in het rood wilde ook op de foto en ging er gewoon bij staan. Niet zo netjes, maar ja, voor een euro kon ik haar afkopen.Het is tijd voor een wandeling langs het water. We doen dichte schoenen aan, want het is geen echt pad waarover we gaan lopen. We naderen de Oosterschelde en zien dat hij doodstil in het water ligt, ondanks de wind. Heerlijk zo’n zwaar schip. We doen onze 6+ kilometers en gaan terug naar ons pension. We mogen er de hele dag blijven. Echt fijn. Om 2 uur gaan we wat eten. We hadden ergens pizza gezien, maar vandaag wordt het vlees met rijst. Ook goed. Tegen vieren nemen we afscheid van Milanka en lopen naar de haven. Hier en daar zien we mensen met bagage. Jong en oud. Vast ook opstappers. We gaan het zien. Toch wel spannend, zo’n nieuwe groep mensen waar we mee gaan varen.

Langzamerhand druppelen de opstappers het dorp binnen. Tegen 5 uur komt de bijboot van de Oosterschelde naar de wal. Hij meert af bij de vissteiger, waar de koppen en ingewanden nog op de grond liggen. Yak!! Voorzichtig lopen we erdoor en stappen in de boot. Heerlijk om weer in zo’n vaartuig te zitten. De touwladder van de Oosterschelde hangt uitnodigend aan de reling en we klimmen aan boord. Een dikke glimlach verschijnt op ons gezicht! Goed om hier weer te zijn.

Rondje Sal

Vrijdag 23 januari 2026, Palmeira                     

We hebben goed geslapen en staan vroeg op. We gaan op stap vandaag. Om 8 uur worden we opgehaald door “Sal Experiences” voor een dagtrip over het eiland. De andere deelnemers worden overal vandaan opgehaald. Dat varieert van een simpel straatje in een simpel dorp tot een luxe 5-sterren resort. Het is een bont gezelschap, waarbij ieder zijn eigen taal spreekt.

We rijden kriskras over het dorre, droge eiland, waar het maar drie dagen per jaar regent. Er groeit niks! Alleen devakantieoorden worden steeds groter. De gids vertelde, dat een maandsalaris voor een gemiddelde werknemer ongeveer 200 euro is, dus dat een cappuccino hier dan maar 1,50 kost is niet zo verwonderlijk.

De tocht is zeer uiteenlopend. We gaan ’s morgens naar een schelpenstrand, een kitesurfstrand, ons dorp Palmeira en the Blue Hole, waar zon voor nodig is. De zon moet namelijk recht boven het gat staan om het effect van een blauw gat te krijgen. Het is nu geen midzomer en het is bewolkt, dus het wordt een black hole.

             Vervolgens lunchen we in Espargos, de hoofdstad van het eiland voor 11 euro inclusief een drankje. We kiezen voor cachupa, het nationale gerecht en het smaakt prima. We lopen nog een rondje en zien de nieuwe voorraad tweedehands kleren die net is afgelevrd op de markt.

     Het middagprogramma heeft nog drie topics. Citroenhaaien aaien, een luchtspiegling zoeken en tot slot de Salinas. Dat laatste is echt het meest indrukwekkend.

       Wat deze dag zo bijzonder maakt, is dat we een geweldig leuke tour hebben gemaakt op een eiland, waar eigenlijk niks bijzonders te zien is. Jammer dat de zon niet scheen, want dan hadden alle highlights er vast wat lichter en kleuriger uitgezien.

Om drie uur worden we weer keurig voor de deur van ons pension afgezet en zien dat we toch nog ruim 7 kilometer hebben gelopen vandaag.

    We eten weer bij restaurant “Rotterdam”. Dat was erg lekker gister voor weinig geld en vandaag zeker zo goed. Nog één nachtje slapen in La Vela. Morgenmiddag schepen we in op de “Oosterschelde”!

Wat een overgang!

Donderdag, 22 januari 2026, Palmeira, Sal, Kaapverdië

Om half drie op woensdag trekken we de deur van het appartement achter ons dicht. We hebben er zin in! Onze reis met het OV verloopt redelijk goed. De bus vanuit Soesterberg komt niet, dus nemen we die naar Driebergen Zeist. Na een overstap in Utrecht komen we aan in Eindhoven, waar  bus 400 naar de luchthaven al klaar staat. We letten niet op het busnummer. en dat is pech, want nu moeten we nog een flink stuk lopen naar het Holiday Inn. Bus 401 zou ons voor de deur hebben afgeleverd. Gelukkig is lopen geen bezwaar, maar de kou best wel. Onze dunne jackjes, berekent op warme omstandigheden straks, zijn eigenlijk niet fijn.

Gelukkig is het hotel prima, ruim, lekker warm, best wel luxe en we hebben een mooie kamer. We eten in het restaurant en gaan vroeg slapen. De wekker staat op 6 uur, alsof we een tij moeten halen (net als zeilers die de zee op gaan).

Zonder ontbijt stappen we om kwart voor zeven in de bus, die voor het hotel stopt en zijn op tijd op het vliegveld. Het luchthavengebouiw ziet er goed uit. De bagage check-in is simpel en de douane werkt efficiënt, zodat er tijd overblijft om een broodje te eten en koffie/thee te drinken.

Er rijdt geen bus van het luchthavengebouw naar het toestel. We lopen tussen dranghekken door naar de vliegtuigtrap. Ik heb stoelen bij de nooduitgang gereserveerd met lekker veel beenruimte. Onze noise-reducer (koptelefoon), ooit van de kinderen gekregen voor de lange vluchten vanaf de andere kant van de wereld, doen weer prima hun werk.

Na bijna zes uur vliegen landen we op Sal. Het ontbijt aan boord was zowaar lekker. Ook kregen we nog twee keer drinken en koek, zonder te betalen. Dus TUI krijgt een ster van ons!

Als we geland zijn en door de douane willen gaan, zit het verstopt daar. De airport tax, die iedereen vast van tevoren thuis digitaal heeft willen betalen, is niet aangekomen en moet alsnog met een betaalkaart worden geregeld. Dat duurt een eeuwigheid, maar wat zou het. “No stress!”

We kopen een simkaartje op het vliegveld en vinden een taxi om ons naar Palmeira te brengen. Daar worden we hartelijk verwelkomt door de gastvrouw Milanka, die ons nog kent van drie jaar geleden. ‘Ah, daar zijn de zeilers! ‘ zei ze enthousiast. Ons onderkomen is weer uiterst eenvoudig, maar prima.

Dan gaan we een rondje door het dorp lopen en doen wat boodschappen voor het ontbijt . We genieten van de relaxte sfeer hier.

      

De ankerbaai ligt mudjevol, zodat de “Oosterschelde”, de driemaster die je bijna niet kunt zien, een heel eind naar achter is geankerd. We gek dat er nu nog zoveel cruisers liggen, dat zou je in november en december verwachten. Deze zijn gewoon best laat als ze nog naar de Carieb willen oversteken voor het orkaanseizoen.

We lopen een rondje langs bekende plekjes en drinken een biertje (tja, dat mag je hier niet overslaan).

Voor ons avondeten bespreken we een plekje voor twee bij het restaurant ‘Rotterdam’, in de blauwe container, die hier ook nog steeds staat.

Morgen gaan we een toertje over het eiland maken. Dat hebben we hier nog nooit gedaan en zijn benieuwd wat dat gaat brengen.

De opmaat naar de oceaan

Soesterberg, dinsdag, 20 januari 2026

Hoe kan je je beter voorbereiden op een zeiltocht over de Atlantische oceaan, dan op je eigen schip, dachten wij. Vol goede moed vertrekken we zaterdagmorgen naar Enkhuizen. Het inspirerende bezoek op vrijdag van Karin en Eric van de Marelief deed daar nog een schepje bovenop.

De zon scheen en de Houtribdijk lag te stralen tussen het Markermeer en het IJsselmeer. Rond het middaguur stappen we op Jonas, waar we een dag of tien geleden nog net op tijd de antivries in de belangrijkste delen hadden gedaan. Het dek ziet er smerig uit.

Binnen is het 4 graden, dus de eerste actie is om de kachels aan te doen. Binnen ziet alles er goed uit en ik zet het vaasje bloemen, dat we van Karin en Eric kregen, op de tafel. Zo kunnen we er hier ook van genieten.

Na de lunch wandelen we langs de havens via de binnenstad naar de scheepswinkel van Joosten om daar nog een jerrycan met antivries te kopen. Ik kijk even bij de boeken en zie allerlei zeilverhalen staan, maar mijn boeken over onze wereldreis staan er niet bij. Als ik naar de kassa loop, waar Jakob net de antivries afrekent, vraag ik ernaar. In het computersysteem is niks terug te vinden. Ik krijg advies om een mailtje naar Remco, de eigenaar, te sturen, dan komt het vast wel goed.

We maken ons rondje door de stad nog een beetje uitgebreider en komen met frisse wangen terug aan boord. Het is er heerlijk warm. We drinken thee met wat lekkers en verdiepen ons in de beschrijving van onze komende zeiltocht met de Oosterschelde. We hebben er zin in en verhgeugen ons op de wind in de zeilen. Hier in de Buyshaven is het windstil en Jonas beweegt niet echt.

Zondagmorgen slapen we lekker uit. Als we om half twaalf naar buiten gaan, is het heel koud, er staat een noordoostelijke wind. We stappen flink door, want we hebben kaartjes voor een Huyskamerconcert in het Zuiderzeemuseum. Dat begint om twaalf uur. We lopen langs de binnenhaven, langs de Dromedaris en komen op tijd aan. We zijn benieuwd.

Als we ons bij de kassa melden, blijkt het uitverkocht te zijn en we zijn blij met de kaartjes die we zaterdag online kochten. De hal van het binnemuseum is omgetovert tot een soort concertzaal met wel honderd stoelen. De bezoekers zijn ongeveer van onze leeftijd,..

 Precies op tijd begint het concert. Een jonge man met rood haar speelt gitaar en een vrouw die zijn moeder zou kunnen zijn speelt viool. De Ierse muziek begint de ruimte te vullen, het klinkt best goed en het refrein van een aantal liedjes mogen we meezingen. Dat gaat eerst heel aarzelend, maar tegen het eind van het concert zijn de mensen eindelijk los en wordt er zelfs in de handen geklapt. We hebben geen spijt dat we gekomen zijn.

Als we rond drie uur naar buiten gaan, is er dikke mist opgekomen. Het is ook een paar graden kouder geworden. Langs de kade op de hoek, ligt er een spookschip aan de wal. Ongelofelijk dat die mist zo ineens gekomen is. We stappen stevig door om zo snel mogelijk weer op de boot te zijn. De kachel was nog aan en het voelt gelijk behaaglijk. Het wordt weer een gezellige avond met een filmpje en koffie met chocola.

Als we maandagmorgen naar huis vertrekken, hebben we weer een echt bootgevoel. De warming-up voor Kaapverdie is gelukt.

Op de terugweg naar huis, rijden we naar Eembrugge om naar de liplaats voor onze nieuwe motorboot te kijken bij Jachthaven Kroeze. Dat ziet er goed uit. Makkelijk aan te varen en vrij uitzicht vanaf het achterdek. Het haventje is klein en ligt midden in de polder aan de Eem. Van hier uit is het randmeer maar een halfuurtje varen. We zijn benieuwd wat deze uitbreiding van onze vloot ons gaat brengen.

Woensdagmorgen vliegen we vanaf Eindhoven Airport naar Sal op Kaapverdië.