Categoriearchief: Vanuatu en New Caledonie

Ouvéa, Loyalty Islands

Maandag 7 oktober 2019

Er was ons verteld dat Ouvea vele malen mooier was dan Lifou en wij dachten, nou eerst zien en dan geloven. We vertrokken vrijdagmorgen om half 6 om dat met eigen ogen te gaan zien. Het werd een heerlijke tocht met wel veel wind, maar uit de goeie hoek.

Jonas had er weer zin in en rond half 2 voeren we de wijde pas van het atol Ouvea binnen.

Oeps, dat zag er al heel bijzonder uit. Prachtig blauw water en eindeloze stranden. Er waren intussen al een stuk of 10 boten van de rally binnen, die allemaal keurig op een rijtje voor anker lagen, het leek wel Bonaire, waar je allemaal op een rijtje voor de kust aan moorings ligt.

Er was plek genoeg en we ankerden voor het Hotel du Paradis, een prachtig resort in deze stille wereld. We vroegen ons af, hoe mensen dit plekje ontdekt hadden, maar als er een paradijselijke plek voor een honeymoon gezocht wordt, is dit echt het einde.

Er stond nog veel wind, dus we lieten de dinghy op dek liggen en genoten vanaf de boot van het prachtige zicht dat we hadden op het water en het strand.

Intussen had Cliff van de Toccata een rondje over het eiland geregeld met de manager van het toeristen bureau, Pierre, die goed Engels sprak en we werden de volgende morgen om 8 uur aan de wal verwacht.

De dinghy’s werden op het strand gesjord en aan elkaar gebonden zodat ze er nog zouden zijn als we terugkwamen.

En wat werd het een mooie tocht. Dit eiland heeft inderdaad zoveel meer te bieden dan Lifou. We stopten bij mooie baaien, gedenktekens, een heilig eiland met prachtige kliffen en nog veel meer.

We konden onderweg ook nog wat boodschappen doen en geld pinnen.

   

Het meest indrukwekkende was een gedenkteken aan de strijd tussen de Kanakken en de Franse militairen in 1988. De Fransen wilden het Chief-dom afschaffen en de Kanakken verzetten zich. Er stierven 4 Fransen en 19 Kanakken. Voor iedere strijder werd een herdenkingspaal gegraveerd. Op internet is er meer te vinden over deze bijzondere strijd, nog niet zo lang geleden.

   

In een volgende baai was een rots waar je wenssteentjes in kon doen, nou dat sloegen we niet over natuurlijk. Ook zagen we daar Giant Clams en een versiering van lijndrijvers.

   

We reden verder naar de brug, waarachter in de lagoon het “Secret Island” lag. Niet toegankelijk voor bezoekers, hooguit als je bevriend was met een bewoner, die in het hotel werkte. De klifwanden waren indrukwekkend.

We lunchten in het noorden van het eiland bij de moeder van Michel, de vriend van Pierre, die mee was met onze toer. Het was een overdadige lunch met Coconut Crab, Land Crab, gegrilde Snapper, papayamoes, rijst en stokbrood. Daarbij dronken we verse citroenlimonade.

    

We bedankten de moeder voor het heerlijke eten. Zij zat intussen uit te rusten naast haar kooktoestel. Heel tevreden keerden we terug naar onze boten, nadat we hadden afgesproken om zondag bij het resort te gaan lunchen met een aantal mensen.

De zondag werd een echte ontspannen dag. Na het ontbijt met een eitje, maakten we de boot schoon en repareerde Jakob het dek luikje van de WC, wat heel erg lekte.

We hebben intussen een nieuw luik besteld en hopen dat Gebo het kan opsturen naar New Caledonia.

We lunchten bij het resort en dat duurde heel erg lang, want het was er druk. We zaten daar van 1-4 uur. Is dat niet relaxed?

Een aantal boten zou diezelfde avond vetrekken richting vasteland. En vanmorgen vetrok de rest. Wij bleven als enige boot hier achter. Het zou namelijk heel rustig weer blijven en we wilden nog graag een strandwandeling maken en snorkelen en genieten van dit prachtige plekje.

Vanmorgen om half 6 zwaaiden we de laatste boten uit. We waren dus lekker vroeg klaar om te gaan wandelen.

Om 8 uur liepen we al op het strand. Wat heerlijk. Het zand was wit en hard, de zon scheen, er was een beetje wind en het water was ongelofelijk blauw en turkoois.

 

    

Heerlijk om weer eens lekker te bewegen. We liepen een klein stukje over de weg terug, maar dat was saai, dus al snel liepen we weer op het strand

Zo konden we ook beter de dinghy in de gaten houden, want het werd vloed.

Op tijd voor de koffie streken we neer op het terras van het resort en genoten van cappuccino met een croissant en pain aux chocolat.

Na de lunch (bij het resort) voeren we naar de brug, waar het “Secret Island” achter ligt, want daar zou het mooi snorkelen zijn. We legden de boot op het strand en gingen het water in. We zagen wel een grote school vissen, maar de turtles en manta-rays waren er even niet. Nou ja, het water was heerlijk.

    

We voeren nog even langs het resort om te vragen of ze stokbrood voor ons hadden en dat was zo. Gewapend met de broden voeren we terug naar Jonas.

Daar begonnen we de boot voor te bereiden op onze tocht van morgen. Ook wij gaan naar het vasteland en willen om half 6 vertrekken. Er is dan wat meer wind dan vandaag, dus dat zou wel eens een hele mooie tocht kunnen worden.

 

 

 

Lifou, deel 2, Loyalty Islands

Donderdag 3 oktober 2019

Boodschappen doen is altijd een uitje voor cruisers. Daar moet je ook te tijd voor nemen, want het is niet altijd naast je boot. John, onze rally schipper had busjes geregeld om naar het stadje aan de andere klant van het eiland te gaan. Daar konden we geld pinnen, simkaartjes kopen en naar de supermarkt.

Echt iedereen ging mee en bij de dinghy’s aan land slepen hielp iedereen elkaar. Heel gaaf. Jakob had het weer een beetje in zijn rug, dus dan is dat extra handig

Geld en simkaartjes haalden we bij het postkantoor. Er was een loket gereserveerd voor ons cruisers. Is dat niet mooi? Nu doen ze op Frans grondgebied altijd erg moeilijk. Er moet een contract worden afgesloten met een kopie van je paspoort erbij en dan pas krijg je een simkaartje. Heel veel papierwerk met veel stempels en handtekeningen en dat voor een mannetje of 35…..

En dan moet je zo’n kaartje nog aan de praat krijgen. Daar heb je een handleiding voor nodig en die is natuurlijk in het Frans. Maar het lukte. Wat ons wel verbaasde, is dat in een eenvoudig land als Vanuatu, dat zo veel makkelijker gaat.

De boodschappen in de supermarkt gingen redelijk snel. Er was van alles te koop, maar groente en fruit was matig. En voor de groentemarkt was het intussen te laat. Daar moet je echt om 7 uur zijn.

Iedereen was blij met zijn volle tassen en opgewekt gingen we terug naar de boten. Ik liep nog even bij de bakker langs voor vers brood, maar ik was te vroeg. En ’s middags hadden we weer een programma. We werden om 3 uur verwacht in de gemeenschapsruimte voor een praatje van John, de rally schipper.

Hij vertelde van alles over het zeilen in New Caledonia en gaf aan hoe we zouden kunnen varen naar Noumea. Dat deed hij aan de hand van een mooi programma, de Rocket Guide, met goeie routes, die je kan importeren in je navigatie systeem en veel informatie over ankerplaatsen. Heel nuttig allemaal. Daarna zouden we welkom geheten worden door de Chief en zou er “Coutume” plaats vinden. Een ritueel vergelijkbaar met Sevusevu in Fiji. Alleen wordt hier geen Kava gegeven, maar geld en een stuk stof of een sarong.

   

Het bleek dat de Island Chief niet beschikbaar was, dus de district-chief, John, die ook BioSecurity officer was, noodde ons in zijn hut en vertelde van alles over de cultuur van de Kanakken en de stammen van het land. Er zijn veel verschillende stammen en die zijn niet altijd even vriendelijk voor elkaar. Sommige gebieden kan je dus maar beter vermijden. De politie weet precies waar het oké is en waar niet.

   

Na deze happening was het eetfeest aangebroken. De vrouwen van het dorp hadden de hele middag gekookt en we kregen een 3-gangen diner. De tafels (let wel, deze keer niet de grond) waren gedekt en we hadden ons eigen bord en bestek meegebracht.

Het was zo leuk dat de vrouwen trots waren op hun eten. En ze poseerden graag voor een foto. In plaats van de traditionele dansen, waren er 2 jongens met een gitaar, die het feest muzikaal omlijsten (jaren 70 muziek, haha).

Rond 8 ur zochten we in het donker onze dinghy’s weer op, waar een aantal jongens van het dorp op gepast hadden. Het was best een drukke dag geweest, dus we lagen op tijd onder ons dekbed. Best gek dat het nu ’s nachts zo koud (17 graden) wordt. Dat is echt even wennen. Je kan duidelijk merken, dat we toch een beetje aan de terugtocht begonnen zijn.

Voor woensdag was er rondje over het eiland geregeld. Met een busje en een 4WD gingen we op pad. Eerst langs de groentemarkt, maar die waren al aan het opruimen. Ik kon nog wat mandarijnen kopen, dus dat was een gelukje. Vervolgens reden we naar het noorden van het eiland, waar een mooie klif is. We konden daar wat wandelen en afdalen naar het water. Lekker even de benen strekken.

 

 

 

De afstanden zijn redelijk groot op dit eiland en het was opvallend dat de vegetatie overal een beetje het zelfde was. Niet zo heel bijzonder, beetje saai eigenlijk.

We reden terug naar de Baai de Chateaubriand. Is dat geen geweldige naam? Nou, de baai was ook heel mooi en we konden daar op een luxe plek lunchen. Het was heel goed en lekker Frans eten. Niet goedkoop, maar wel het geld waard. En het was een prachtige plek.

 

Het bleek dat er een echte marina op het eiland was. Die moesten we natuurlijk ook even zien. Gelukkig was er geen scheepswinkel, dus het geld kon in de zak blijven!

Rond 4 uur waren we terug. Het was leuk om een indruk van het eiland te krijgen, maar heel erg indrukwekkend was het niet.

Nog even langs de bakker gelopen en ja, nu was er weer van dat heerlijke brood. Smullen dus! Eigenlijk was het culinair gezien een echte topdag!

Vandaag namen we even rust. We konden wat internet dingen doen en Jakob heeft het programma van de Rocket Guide gekocht en kan nu mooie routes uitzoeken. De plannen voor de komende weken beginnen vorm te krijgen. Veel dagtochtjes en mooie ankerplekken!

    

We liepen nog een keer naar de bakker met Henny van de Selene. Onderweg namen we afscheid van John, de district Chief en gaven hem een herinnering aan ons, te weten een souveniertje uit Holland en een bootkaartje. Dat vond hij heel leuk en wilde best nog een keertje op de foto voor zijn mooie hut.

We kochten nog 2 van die heerlijke broden voor de komende dagen bij de bakker en wensten hem alle goeds!.

Morgen om 5 uur op!!!! En dan 40 mijl varen naar het volgende droom eiland.

 

 

Lifou, deel 1, Loyalty Islands

Dinsdag 1 oktober 2019

Langzamerhand druppelden de jachten binnen in de baai van Dueldulu, een grote baai aan de westkant van het eiland Lifou. Het werden er achttien. Wij hadden de hele dag ons best gedaan om alles wat niet mocht worden ingevoerd, op te eten en we zaten zondagavond mudjevol. Ik had voor zondagavond nog soep gekookt van alle groente restjes en tomaatjes en dat was een lekkere dikke soep geworden.

Maandagmorgen zouden de officials vanuit Noumea komen voor het inklaren. Ze waren mooi op tijd en de Rally leiding had alles goed geregeld. Customs en Immigration werden op hun catamaran Longlines gestationeerd en de schippers van de jachten werden een voor een opgehaald om de papieren in orde te maken.

De BioSecurity officer werd aan boord gebracht bij iedere boot en controleerde de voorraden. Hij was heel “sweet” en liet me de uien en knoflook pellen, zodat ik ze aan boord mocht houden. Ingemaakt vlees was geen probleem en zelfs de halve pompelmoes mocht ik houden. Er werd niet gevraagd hoeveel drank we aan boord hadden, dus dat ging goed.

Omdat wij uit Europa komen en New Caledonia Frans grondgebied is, kregen wij geen stempel in ons paspoort en hebben nu eigenlijk geen enkel bewijs dat we zijn ingeklaard. Alle papieren bleven bij de officials. Dat voelt wel gek, maar het zal wel goed zijn.De quarantaine vlag kon naar beneden en de rally vlag kon gehesen worden.

We lieten de dinghy te water, want we wilden graag aan wal gaan kijken hoe het er daar uitzag. Het strand was makkelijk om op te landen en had heel mooi wit zand. Het water is hier heel helder en prachtig turkoois van kleur.

Het eerste wat we zagen waren ronde hutten, heel anders dan in de vorige landen. Het landschap ziet er ook heel anders uit. Het is droog, een beetje rommelig en heeft heel andere vegetatie.

Dus het is hier niet weer een beetje meer van het zelfde (wittte stranden met palmbomen), maar echt anders. We bezochten de katholieke kerk, met een mooi kruisweg in mozaïek en prachtige houten beelden.

We hadden gehoord dat er een bakker moest zijn en die vonden we al snel. In grote houtovens werden heel veel broden gebakken. We hadden geen geld mee, maar maakten wel een praatje met de hoofdbakker.

Die zei dat we best een brood mee mochten nemen en dan morgen betalen. Geweldig, hij dacht vast dat we uitgehongerde zeilers waren….

Terug aan boord wilden we naar het anker gaan kijken. De zon scheen lekker, het water was mooi helder, dus wij daalden af van ons trapje. Maar ohoh, wat was het koud! Dat was even wennen. Na een poosje viel het wel mee, maar dat zijn we niet meer gewend. Het duurde even voor we het anker gevonden hadden, maar het lag prima ingegraven in het zand.

‘s Nachts koelt het erg af. Ik heb de dekbedden uit het vooronder gehaald, lekker even laten luchten en op bed gelegd.

   

Om 5 uur werd iedereen voor een sundowner op het strand genodigd. Zo leuk al die dinghy’s en al die zeilers. We kennen er een aantal van en dan is het altijd leuk om even bij te praten. Maar ook zijn er nieuwe zeilers om eens een praatje mee te maken. Connor is met zijn Contessa 27 van Fiji in z’n eentje hier naartoe gevaren. Best pittig met die wind en golven.

Er is nog een andere solozeiler Michael van de Petanjali, waar we al mee hebben kennis gemaakt. En natuurlijk ook met de Selene, een Malo 49 met een Nederlands echtpaar, Henny en Tjerk. Dat was een gezellige start van de rally.

Vandaag gaan we met busjes naar een stadje, waar internet kaartjes gekocht kunnen worden en een supermarkt is. Allemaal prima geregeld!

Hier nog wat foto’s van onze eerste wandeling aan de wal van Lifou.

  

De hoofdweg over het eiland.                                  De hut die een man als eerste moet bouwen.

 

De katholieke kerk met een bijzondere lezenaar.

 

De kruisweg is gemaakt van mozaïek steentjes en het wijwatervat bij de ingang.

  

Een bijzondere bloem en uitzicht op de baai.

Oversteek naar Lifou (nu met foto’s)

Zondag 30 september 2019

Wat een bijzondere ervaring! We liggen met 12 boten in de baai bij Lifou, een van de Loyalty Islands en niemand mag van boord. Inklaren kan pas morgen, als de officials worden ingevlogen vanaf Noumea, hoofdstad van New Caledonia.

Normaal kan je de Loyalty Islands alleen maar bezoeken nadat je in Noumea hebt ingeklaard. Dan moet je daarna terugvaren tegen de wind in. Omdat de boten die hier liggen zich hebben aangesloten bij de “Down Under Rally” komen de officials naar ons toe op 30 September.

Niemand mag van boord, dus is het heel rustig hier, geen heen en weer varende dinghy’s, geen zwemmers, duikers of schreeuwers. Alles is stil. We treffen mooi weer, zon, een zacht windje en een heerlijke temperatuur. Echt om tot rust te komen en dat was wel nodig.

De tocht van Vanuatu hier naar toe was heftig. We wisten dat we veel wind zouden krijgen en dat was prima. We vertrokken rond 5 uur ‘s middags zodat we voor het donker werd de zeilen konden zetten( 3de rif grootzeil, 2de rif kluiver en 1ste rif bezaan) en de goeie koers konden inzetten. Zodra we buiten de beschutting van het eiland kwamen begon het te blazen. Met daarbij een vreselijk nare golfslag, korte steile golven van een onduidelijke richting. We werden alle kanten opgesmeten en goed vasthouden als je je verplaatste was super belangrijk.

De koers was makkelijk, ongeveer 30 uur 200 graden. Maar ja, je moet eten, drinken en plassen en dat zijn verplaatsingen die veel energie kosten. De slaapplaats in de achterkajuit was prima, dus om de beurt lagen we daar een beetje uit te rusten. We moesten toegeven dat we dit niet leuk vonden. Eigenlijk was het lang geleden dat we zo’n vervelende en zware tocht hadden. Maar na 24 uur werd het beter. De wind nam wat af en de golven werden lager. Eten maken werd weer makkelijker en het eiland Lifou kwam in zicht.

Rond half 10 zaterdagmorgen liet Jakob het anker vallen in superhelder blauw water met een zandbodem. Hehe, we waren er. Tijd voor een aankomstbiertje met chips (haha, en dat om 10 uur ‘s morgens!). En daarna wassen en naar bed. Ons lijf was helemaal door elkaar geschud en moest weer in vorm komen.

Het was dus wel fijn dat we niet direct naar de wal moesten om in te klaren.

Nu was het volgende project aan de beurt. We mogen heel veel etenswaren niet invoeren, dus het wordt opeten of inleveren.

De heerlijke gerookte ham, gehaktballetjes, bananen, pompelmoezen, wortelen, tomaatjes en eieren moeten voor maandagmorgen op.

Dus gister cake gebakken, gehaktballen met satehsaus gegeten, van stokbrood met ham en tomatensla genoten en vanmorgen een eitje bij het ontbijt genomen en yoghurt met fruit. We schieten al op. Maar er is nog meer. Oja en de aankomst bubbels moeten we ook nog drinken. Dat wordt een heerlijke zondag!!

Nu komt Jakob naar buiten met verse koffie en appel cake! Hmmm.

De bubbels kwamen op tafel tijdens de lunch. We waren nu een beetje uitgerust, dus konden er extra van genieten.

  

Heerlijk om nu hier te zijn. En deel uit maken van een rally is ook wel weer eens leuk!

Terugblik op Vanuatu

Woensdag 25 september 2019

We zouden vandaag vertrekken, maar nu blijkt het weerbericht voor morgen beter te zijn, dus hebben we nog een dagje hier in Port Vila met internet :-).

Dus tijd voor een terugblik op Vanuatu! Misschien is dat wel omdat we hier in korte tijd toch heel veel hebben willen zien en meemaken en het niet lukte om alles in de vorige blogs te vertellen. We zijn eigenlijk maar 3,5 weken hier geweest, wat veel te kort is voor zo’n bijzonder land. We hebben 3 eilanden bekeken, dus daarmee krijg je wel een globale indruk van het land. Wat viel ons op hier?

  1. De mensen hier zijn heel ergen open en blijken heel blij te zijn met bezoek van ver weg. Ze laten graag zien hoe of ze leven en in hun bestaan voorzien. Er is nauwelijks nog invloed van de internet ontwikkeling, alhoewel het wel heel grappig was om te zien dat tijdens een kerkdienst een koortje en een moeder met dochter, een lied zongen, met behulp van een Smartphone die op een versterker werd aangesloten.

2. We begonnen onze ontdekkingsreis op het eiland Efate, waar de hoofdstad Port Vila ligt. We lagen in de baai niet goed op onze mooring en konden zonder extra kosten gewoon in de marina aan de wal liggen, het maakte niet uit hoe lang.

Is dat niet heel klantvriendelijk? We hadden gratis stroom en water en dat mocht allemaal.

3. Vervolgens vlogen we naar Tanna, waar we de vulkaan bezochten en naar een dorpje van de Yakel stam gingen. Dat was nog heel erg puur en de bewoners wilden graag met ons praten en laten zien hoe ze leven. Ze willen heel graag de tradities in ere houden op Tanna. Er is geen enkele gene over het feit dat ze in onze ogen toch wel erg weinig kleren aan hebben.

 

3. Als derde eiland bezochten we Epi en hadden daar redelijk wat contact met de bewoners van het eiland. Dan blijkt dat ze in principe allemaal leven van wat het land hun geeft. Geen luxe supermarkten of keuzes uit veel producten van het zelfde soort. Nee, een keer per week komt de cargo boot met meel, suiker en rijst en misschien wat andere spullen, maar dat is het. Ze hebben allemaal een tuin, waarin groente en fruit wordt gekweekt.

Bewoners van het kleine eilandje komen met bootjes naar het grote eiland waar ze een tuin hebben. Die onderhouden ze en nemen dan hun oogst mee naar huis.

Dat kost heel veel tijd, maar dat hebben ze gewoon. Niks geen volle agenda’s, televisie of vergaderingen. En ze zijn allemaal blij en lachen graag. Is dat niet bijzonder.

4. Het leuke is, dat de vrouwen allemaal een zelfde soort jurk dragen. Volgens het zelfde patroon, maar van verschillende stofjes. Soms nog met wat kantjes afgezet, maar dat is de hele variaties.

Op een dag wilden we naar een dorp op de berg lopen en er was een shortcut via een achteromweggetje naar de hoofdweg. Een vrouw die daar woonde wees ons de weg en liep mee. Ik vertelde dat haar jurk mooi was en vroeg waarom die zijflappen er aan zaten. Dat bleek alleen maar decoratie te zijn.

Ze vroeg of ze mij ook zo’n jurk mocht geven. Is dat niet lief? Ik gaf aan dat zoiets op een boot niet handig is, maar ze was duidelijk teleurgesteld.

5. Wat ook erg opvalt is de manier waarop de kinderen zich vermaken. Niks Iphone, tablet of TV. Ze spelen buiten met niks of met dingen die ze maken van wat er is. En ze zijn toch erg blij en vinden het leuk om met je te praten.

 

 

6. We liepen zaterdag over het strand naar het vliegveld. Er zaten vrouwen naast de groente uit hun tuinen te wachten tot het bootje terug ging naar hun eiland. We maakten een praatje en het gaat heel vaak over hoeveel kinderen je hebt en waar je vandaan komt.   

Een van de vrouwen kon alleen maar “Sorry, Sorry” zeggen toen we vertelde dat onze kinderen aan de andere kant van de wereld woonden. Dat vond ze zo erg. Terwijl wij denken, je kan altijd bellen of mailen, maar dat overzag ze niet.

7. Zondags in de kerk zaten er heel veel kleine kinderen voorin. Daarbij zat een juf met een stokje. Dat gebruikte ze om kinderen aan te tikken die vervelend zaten te doen. Toen ik dat ter sprake bracht bij Bennie, waar we gingen lunchen, zei ze dat dat overal gebruikt wordt in de kerk en op school en dat het werkt. Is het niet prachtig.

8. Ondanks alle eenvoud is er toch wel een gevoel voor concurrentie. Bennie, waar we steeds langs kwamen als we de wal op gingen, vertelde dat ze gevraagd had aan de bungalows (stel je er niet te veel van voor) wat zij voor prijs per persoon per dag vroegen, want zij verhuurde ook een huisje. Dat scheelde 5 euro in haar voordeel, terwijl zij 3 in plaats van 2 maaltijden verzorgde (30 euro tegenover 35 euro, waar hebben  het over).

9. En dan is er natuurlijk de mooie natuur, met veel bloemen. Daar raak je ook niet op uitgekeken. Prachtig!!

.   

    

    

   

10. Door veel te praten met de inwoners hier, komt er wel naar voren dat de Chinezen steeds meer beslag leggen op land en winkels. Bv. De supermarkt, Bon Marche’, klinkt Frans, maar is eigendom van de Chinezen. Er is hier een mooi parlementsgebouw gebouwd, maar dat is van de Chinezen. Er worden stukken land geleased (kopen kan net), waar door de Chinezen grote gebouwen op worden gezet, soms bijna op een begraafplaats, zodat die niet meer kan uitbreiden. En dat is natuurlijk wel zorgelijk, want Chinezen hebben geen enkel gevoel voor het milieu.

Samenvattend kunnen we zeggen, dat het leven hier in Vanuatu nog niet bedorven is met discussies over pensioenfondsen, stikstof productie, files enzovoort. Ze maken zich wel druk over het klimaat en dat kan ik begrijpen als je in zo’n mooi land woont. Wij hopen dat het nog maar lang zo puur mag blijven (en dat de regering de Chinezen nog maar een beetje op afstand kan houden).